Contact

Northedge B.V. 
Oosthaven 15-16 
2801 PC Gouda 
The Netherlands 
T 31 (0)182 684545 

www.northedge.nl 
Tw @PeterNoordhoek 

Archief

Voorverkiezingen: Iowa, CDA en Europa

Schermafbeelding 2016-02-07 om 20.29.33

De Amerikaanse voorverkiezingen lopen en inspireren tot een beschouwing over het fenomeen ‘primary’ – voorverkiezing. Niet alleen in de VS speelt dat, ook in Nederland richting de volgende Kamerverkiezingen. Mogelijk gaat het ook in Europees verband spelen. Samen levert dat een soort combinatie van 3 blogs op. Selecteer vooral – al zijn ze natuurlijk alle drie spannend.

VS

Het gaat om de handdruk

400.000 stemmers op meer dan 250 miljoen Amerikanen hebben de toon gezet. Trump heeft schade opgelopen, Cruz wint de eerste ronde en Rubio is de slimme derde. Met de dreiging van sneeuw in de lucht, trokken duizenden overwegend zeer gemotiveerde stemmers (ca. 20% van het electoraat) naar schuren, huiskamers en dorpszaaltjes toe om te bediscussiëren op wie er gestemd moest worden en het vervolgens te doen. In deze video over de verkiezingen in Iowa, legt iemand uit, “dat wij in Iowa gewend zijn om afspraken (‘deals’) via een handdruk te maken. Daarom hechten we er aan de handdruk van de kandidaten daadwerkelijk te voelen”. Super democratisch als proces dus, al is het ook super niet-representatief vanuit een Amerika-breed perspectief. We hebben er in ieder geval weer een schitterend startschot aan te danken van ‘the greatest show on earth’.

New Hampshire is de volgende staat en daarna volgen tot 1 maart – Super Tuesday – nog de ene voorverkiezing na de andere. Mijn gevoel zegt dat er daarna nog slechts drie serieuze kandidaten zijn: Trump, Cruz en Rubio, waarbij de laatste de kandidaat van het ‘establishment’ is geworden. Zij rekenen er op dat Trump en Cruz elkaar afmaken, zodat Rubio er met de overwinning vandoor kan gaan. Aan het alternatief moeten ze niet denken.

No we won’t

Dat laatste is toch wel nodig. Er is echt iets aan de hand in de niet-zo-Verenigde-Staten. Het is moeilijk om er in de VS de vinger achter te krijgen, laat staan in Nederland. In 2008 gingen vrienden van mij naar het republikeinse congres en kwamen mij daarna vol overtuiging vertellen dat McCain het zou worden. Ik was het niet met ze eens, al had ik een moment van twijfel toen Sarah paling zich meldde. Zij bracht zijn campagne pas echt tot leven en liet het potentieel zien voor een populistische kandidaat. Gelukkig was ze te wild en onbekwaam. Zelf gingen mijn vrouw en ik die zomer wandelend en toerend door de VS, van B&B naar B&B. Uit die gesprekken konden we halen dat McCain geen schijn van kans had in vergelijking met Obama, maar ook dat er een grote woede tegen Washington in het algemeen was. Obama pakte dat potentieel via zijn positieve boodschap van ‘Yes, we can’. Het lijkt erop dat er nu een enorm potentieel is voor de ‘No, we won’t’.

Partijen die een partij willen worden

Toch is mijn eigen scenario niet dat Trump of Cruz de nominatie krijgen. De voorraad boze witte mannen is niet oneindig en er is nog iets: ik denk dat de republikeinse ‘partij’ zich zal herpakken en dat zal Rubio inderdaad tot lachende derde maken in de huidige machtsstrijd of misschien zelfs nog Jeb Bush. In de laatste zin is via aanhalingstekens het woord ‘partij’ gerelativeerd. Er is, zoals ik eerder heb uitgelegd, eigenlijk geen Republikeinse of Democratische partij. Althans, het is niet veel meer dan een commissie die een paar jaar op de winkel past totdat het grote congres wordt gehouden voorafgaand aan de verkiezingen dat jaar. Eigenlijk kan je pas van een partij spreken als de delegates gekozen en verzameld zijn. In de afgelopen jaren is de republikeinse partij steeds verder leeg getrokken door de interne verdeeldheid. Cruz speelde een belangrijke rol bij die interne verdeeldheid; reden waarom vele bestuurders wraak willen nemen. Actie geeft reactie; de dreiging van een presidentskandidatuur van beide populisten dwingt het establishment om zich weer echt te gaan organiseren. Dat lukt tot nu toe niet best, maar gelukkig zijn de voorverkiezingen lang genoeg om dat nog de moeite waard te maken en is er deze keer een kandidaat waar ze zich echt achter kunnen scharen.

In 1992 wierp een jonge kandidaat zich op tegen de kandidaat van het democratische establishment. Hij eindigde derde in Ohio, bleef ook in New Hampshire achter bij de gedoodverfde kandidaten. Later zou hij met zijn jonge vrouw het Witte Huis betrekken. Nu is er Rubio die het tegen deze vrouw, de kandidaat van een kwetsbaar democratische establishment, gaat opnemen. Rubio heeft kwetsbaarheden, waaronder zijn nogal voorgeprogrammeerde manier van optreden. In vergelijking met Bill Clinton’s vrouwenprobleem in ‘92 is dat echter niets. Ik herhaal wat ik in september ’15 voor het eerst schreef: Rubio wordt het.

NEDERLAND

Hoe worden we democratischer?

Afgelopen week verscheen er een interessant rapport* over de vraag hoe het er voor staat met ons democratisch en politiek bestel. Er wordt veel beweerd, er wordt veel gesomberd, maar hoe staat het er nu echt voor? Het ministerie van BZK heeft een heuse monitor ingesteld om dit niet eenmalig maar over langere tijd in beeld te brengen. Hulde.

Eerst het goede nieuws: het vertrouwen in onze Nederlandse democratie is nog altijd best hoog, in ieder geval ruim boven de 50%. Het gaat hier vooral om vertrouwen in de manier waarop besluiten worden genomen. Het vertrouwen in ‘de’ politiek is weer een stuk minder dan in die van ‘de’ democratie, waarbij ook opvalt dat ‘die’ politicus, het specifieke individu, weer beter wordt gewaardeerd dan ‘de’ politicus. Toch, per saldo een positief verhaal dus. Waar datzelfde verhaal een negatieve wending krijgt, is in het vertrouwen in politieke partijen als middel om tot besluitvorming te komen. Dat partijen steeds minder leden hebben, is bekend. Het onderzoek geeft ook nog eens aan dat nog maar zo’n 20% van de Nederlanders zich als vanzelf tot een politieke partij rekent, of die er nu lid van is of niet. Het is dan ook niet verbazend dat steeds meer mensen verandering willen in de vorm waarin de democratie opereert. Een belangrijk deel (maar niet een meerderheid!) wil meer mogelijkheden hebben om een stem uit te kunnen brengen. Onmiddellijk gaan dan de gedachten uit naar het referendum en ook kan er worden gedacht aan de ‘lottodemocratie’ en het daarbij horende G1000 initiatief van Ruybroeck. Beide vormen laten zich echter moeilijk rijmen met onze tevredenheid over de representatieve democratie en laten zich ook niet rechtvaardigen vanuit een enorm gevoelde urgentie om alles overhoop te gooien: het is een minderheid van ontevredenen die dan een meerderheid van tevredenen haar wil op zou leggen.

Voorverkiezingen?

Maar wellicht zijn er andere vormen door de representatieve democratie aan te vullen met meer momenten van ‘stemming’. De lezer ziet het al aankomen: voorverkiezingen, en dan toch ook: voorverkiezingen waar ook niet-leden van politieke partijen mee gaan doen. Er van uitgaande dat we niet aan de status quo vast kunnen houden (de conservatief in mij zou dat wel willen) is dat de weg waarop we verder kunnen gaan. Maar ook dan moeten we de ogen openhouden voor de voor- en nadelen. Niet voor niets zijn er heel veel Amerikaanse staten die geen voorverkiezingen organiseren. Daarom maar eens een concrete casus: voorverkiezingen binnen het CDA.

Lijsttrekkersverkiezing

Afgelopen week is binnen mijn partij, het CDA, bekend gemaakt hoe de selectie van kandidaten wordt georganiseerd. Voor de lijsttrekkersverkiezing is daarbij in een voorverkiezing voorzien. Op zich prima – en toch hoop ik in dit geval niet dat het tot een voorverkiezing komt. Vier jaar geleden heeft Sybrand Buma al een overtuigend mandaat gekregen en ik vind dat hij binnen dat mandaat een grote prestatie heeft geleverd. Dan moet je goede redenen hebben om dat mandaat opnieuw ter discussie te stellen en niet alleen vage electorale. Een (voor)verkiezing moet wel ergens over gaan. Of anders gezegd; er moet iets te kiezen zijn.

Mocht het er toch toe komen, dan moet je het ook goed doen, maar om die reden vind ik het dit keer wel goed dat het bestuur een forse drempel heeft neergelegd, met een denk ik strenge commissie om daar op toe te zien. Alleen kandidaat worden om zo je kansen voor de lijst te verhogen zit er niet in, en terecht. Waar ik wel zorg over heb, is dat proces en profiel zo zijn ingericht dat in de praktijk alleen insiders zich kunnen melden, terwijl je soms juist een nieuw of ander gezicht nodig hebt. Ik vind dat de drempel bij een voorzienbare leiderschapswisseling opnieuw bekeken moet worden – en dat bijvoorbeeld niet-leden mee moeten kunnen stemmen of dat er een getrapte vorm van voorverkiezingen gaat komen.

Provinciale voorverkiezingen

Interessanter is dat dit keer voor de rest van de lijst de mogelijkheid bestaat dat provinciale afdelingen hun eigen voorverkiezingen organiseren. De provincie Utrecht heeft al aangegeven dat te willen gaan doen.

De kandidaat die deze wint krijgt als ‘beloning’ een plaats bij de eerste 30 op de lijst. De campagneman in mij zegt: ‘wat leuk!’. Het verstand zegt: ‘Uh, niet zo snel.’ Het is namelijk alleen een goed idee als je er echt leidt tot een ‘democratisch feestje’. In dat geval kunnen mensen een gevoel bij de kandidaten ontwikkelen, vinden ze de keuze interessant en gaan daadwerkelijk in grote aantallen stemmen. Belangstelling van de media hoort daarbij. Dat is lang geen vanzelfsprekendheid. Wellicht in de meer overzichtelijke provincies met een sterke eigen identiteit wel, maar in een provincie als Zuid-Holland? Ik vrees dat het neerkomt op een reeks redelijk, maar niet spectaculair bezochte avonden en met af en toe een journalist die de opdracht heeft gekregen om het knusse Den Haag te verlaten voor een cynisch stukje over lokalo’s die de ‘echte’ politiek nadoen. De huiskamers, schuren en zaaltjes van Ohio zullen niet in zijn of haar gedachten boven komen, ben ik bang.

Meer representatief?

En er is nog een andere overweging. Eén die meer gaat richting het punt waar representatieve- en stemmingsdemocratie elkaar ontmoeten. Want klopt de aanname wel dat een middel als een voorverkiezing – typisch voorbeeld van een stemmingsdemocratie – ook tot een meer representatieve lijst zal leiden? Om dan weer concreet te worden: voor het CDA zitten nu 13 personen in de Kamer. Kan je van hen vragen zich allemaal kandidaat te stellen? Nee, dat zou al snel neerkomen op een soort kapitaalvernietiging. De ervaring die deze parlementariërs is waardevol en ga je niet zomaar in de waagschaal stellen via voorverkiezingen. Als je uitgaat van 30 te winnen zetels (al lijkt 40 deze optimist niet ondenkbaar), dan blijven er nog 17 te verdelen zetels over, waarvan er dus 12 naar de winnaars van de provinciale voorverkiezingen gaan en er nog 5 over blijven voor de noodzakelijke specialisten. Nou en, zal je dan zeggen. Mooi verdeeld toch? Wel als het uitgangspunt is om alle provincies vertegenwoordigd te hebben, niet als het uitgangspunt is om de verdeling op basis te doen van het aantal leden of kiezers over het land, want dan tellen lang niet alle provincie evenveel leden/kiezers. Dat laatste lijkt toch het meer representatieve uitgangspunt.

IOWA-criterium

Mijn weging is dat we in deze fase niet bang moeten zijn voor experimenten. Hoewel de meeste mensen tevreden lijken over het huidige systeem, is er onmiskenbaar een grote en groeiende groep die het anders wil. Dan is er eigenlijk maar één ding dat je kunt doen; het mensen laten ervaren of het alternatief beter is dan het origineel. Ik heb de stille overtuiging dat het Geen Stijl-referendum de mensen niet enthousiaster zal maken over referenda, maar over voorverkiezingen heb ik die overtuiging niet. Waar daar energie voor bestaat, mogen en moeten we dat proberen. Maar als we ons kritisch vermogen te snel uitschakelen, komen we op een selectiemechanisme uit dat vlees noch vis is en tot ongelukken kan lijden. Mede omdat het past bij de aard van onze partij, zou ik wel een IOWA-criterium willen introduceren: alleen (lokale, provinciale) voorverkiezingen doen waarin een handdruk nog het verschil kan uitmaken.

EUROPA

Ook ten aanzien van de Europese Unie wordt voortdurende de vraag naar de democratische legitimering gesteld. Cameron heeft voor Groot-Brittannië in de onderhandelingen over Brexit o.a. bereikt dat er een ‘rode kaart’ procedure komt waardoor parlementen kunnen onwelgevallige regelingen kunnen blokkeren. Het resultaat is weggehoond in de Britse pers. Je zou vanuit de optiek van representativiteit kunnen verdedigen dat Europa een zuiverdere vorm van representatieve democratie kent dan menig land (inclusief Nederland, gelet op ons manier van coalitievorming), maar dat zal aan de overtuiging dat het niet goed genoeg is weinig afdoen. Het is dus zaak om door te zoeken naar andere vormen van ‘stemmingsdemocratie’.

Referendum als schijnoplossing

Hier in Nederland worden we geconfronteerd met het referendum over het Associatieverdrag met Oekraïne. Het lijdt geen twijfel dat het referendum is bedoeld als een poging van Baudet / Geen Stijl c.s. als een manier om tot een deconstructie van Europa te komen. Voor mij lijdt het ook geen twijfel dat het referendum pure steun is voor Putin, de ultieme anti-Europeaan. Toch, is dat reden om het referendum dan maar af te wijzen? In het geval van dit referendum denk ik van niet. We zouden nu het zelfvertrouwen moeten hebben om dit referendum als deze gewoon te laten komen en gaan. Laat de feiten maar spreken, zoals bijvoorbeeld via dit uitstekende artikel uit de Volkskrant. We zullen als Nederland en als Europa moeten leren om te gaan met politieke vandalen.

Daarmee vind ik referenda nog geen nuttig middel. Referenda bieden niet wat ze beloven: helderheid of duidelijkheid. Schijnoplossing, ja, dat wel. We moeten het verlangen naar een stemmingsdemocratie om zien te buigen naar een acceptatie van de representatieve democratie.

Alternatief

Een beetje heb ik mijn hoop gevestigd op nieuwe vormen van representatie over digitale grenzen heen. Virtual reality zou weleens eens oplossingen kunnen bieden. Andere (digitale) vormen van het werken aan maatschappelijke initiatieven kunnen een nieuw perspectief geven. Voor het moment is dat echter allemaal nog te abstract en onbewezen. Veel beteren concreter zou het zijn om de kandidaten voor het EU-voorzitterschap mede voort te laten komen uit voorverkiezingen. Dus: partijgebonden primaries houden voor de zwaarste Europese functie die er is. Het lijkt namelijk niet aannemelijk dat we ons bijvoorbeeld hier in Nederland ooit voldoende betrokken zullen voelen bij Europa als de verkiezingen niet als het ware naar de kiezer toe worden gebracht. Via de lijn van de Europese partijen – eigenlijk vooral platforms waarbinnen nationale politieke partijen zich tot nu toe verbonden hebben – kan je dan op de meest logische wijze de Europese representatieve democratie voelbaar maken.

Format

Ook hier gelden weer voor- en nadelen. Hier geldt ook dat we goed moeten leren van wat we wel en niet moeten overnemen van de Verenigde Staten. Wat bijvoorbeeld goed is aan de Amerikaanse aanpak, is dat lang niet iedere staat een dergelijke voorverkiezing organiseert. Dat kan ook voor Europa gelden. Slechts is onder andere de lange duur van de voorverkiezingen, de invloed van het grote geld en het gebrek aan regie. Wat dit laatste betreft: de Staten hebben we erg veel mogelijkheden om de voorverkiezing naar eigen believen te regelen (en te manipuleren). Om die reden zou ik er voor zijn als alle partijplatformen in het Europese termijn samen tot een een vaste termijn komen en een minimumaantal regels om de integriteit en (financiële) neutraliteit te waarborgen. De afzonderlijke partijplatformen zouden daarbinnen elk hun eigen format kunnen kiezen. Het moet eerder een format worden die lijkt op die voor de Europese voetbalkampioenschappen dan op die als in de VS, waarin het lijkt alsof er een competitie is georganiseerd waarin tegelijk amateur- en professionele clubs mee zouden kunnen doen, maar waar in de praktijk alleen kandidaten met heel veel geld zich kunnen laten zien.

Er valt nog veel uit te werken. In een tijd waarin we de handen vol hebben aan een ‘perfect storm’ van problemen voor Europa, is het toch zaak om naar de iets langere termijn te kijken (alhoewel – het is zo 2019) en aan een meer democratisch Europa te werken.

Peter Noordhoek

Bronnen:

Prof.dr. Frank Hendriks, Koen van der Krieken MSc MA, Sabine van Zuydam MSc en Maarten Roelands Bsc. Bewegende beelden van democratie. Legitimiteitsmonitor Democratisch Bestuur 2015. Onderzoek uitgevoerd in opdracht van het ministerie van BZK. Januari 2016.

Bert Lanting. Vergeet bij het stemmen de MH17 niet. Volkskrant, zaterdag 6 februari 2016.

Afbeelding: Hermanus. www.galeria.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


Onze wereld is groot, complex en hoog als een berg. Weersomstandigheden wijzigen zich voortdurend. Hoe kom je dan aan de top?
Kaarten en instrumenten kunnen helpen. U vindt er hier vele. Het echte geheim schuilt in de mentaliteit waarmee u de berg te lijf gaat. Dan geldt wat iemand ooit vertelde: "De noordkant van een berg is het moeilijkste om te beklimmen, maar het meeste de moeite waard." Bij Northedge gaan we voor kwaliteit boven kwantiteit. Het vergt meer denkwerk, meer inspanning, meer van meer. Maar het is zo de moeite waard.  

Peter Noordhoek