Contact

Northedge B.V. 
Oosthaven 15-16 
2801 PC Gouda 
The Netherlands 
T 31 (0)182 684545 

www.northedge.nl 
Tw @PeterNoordhoek 

Archief

Over raadsverkiezingen en de Kleine Tikken Theorie

De campagnes starten op, het rumoer neemt toe en de eerste peilingen voor de raadsverkiezingen zijn verschijnen. Eerder heb ik in mijn blog van 29 december 2013 een voorspelling gedaan voor de uitkomst van zowel de raads- als de Europese verkiezingen en tot mijn plezier is dat breed gelezen. Hier zal ik mij helemaal op de raadsverkiezingen concentreren. Nog steeds heb ik het idee dat de landelijke peilers en analisten ernaast zitten. Niet omdat ze zo fout peilen – ik ben blij met de bescheidenheid van De Hond, die het complex noemt – maar omdat ze de fout maken vanuit landelijke trends naar de raadsverkiezingen te extrapoleren. Ik probeer dat deels andersom te doen en kom dan op andere uitkomsten.

De consensus van nu

Eerst even de consensus van deze voorlaatste week van januari:

  • de opkomst zal laag zijn. Peiling De Hond van 26 januari jl.: wellicht minder dan 50%, was 54% in 2010
  • lokale partijen gaan het goed doen (De Hond: tot 25% beter, landelijk opgeteld)
  • VVD en PVDA gaan krijgen dubbel slaag: matig ten opzichte van 2010, enorm ten opzichte van de landelijke verkiezingen in 2012. Ook GL moet stevig inleveren
  • het CDA ook, vooral door de relatieve achterstand ten opzichte van de verkiezingen van 2010
  • gedoogpartners D66 en SP en CU/SGP worden landelijke opgeteld de winnaars
  • PVV doet slechts in 2 gemeenten mee, maar wordt daar met gemak de grootste
  • de andere kleine landelijke partijen pakken overal hun graantje mee, op Groen Links na

De Hond vertaalt het vandaag zo in zetels (Ipsos heeft nog geen raadsprognose):

Bron: Peil.nl 26-01-2014

Bron: Peil.nl 26-01-2014

Er lijkt alle reden om het hier mee eens te zijn. Tenslotte vertonen de peilingen al een jaar ongeveer hetzelfde beeld, ook al is het sentiment rond het kabinet gekanteld. Toch valt, op het punt van de opkomst na, op elk van deze punten het nodige af te dingen. En voor het eerste punt moet goed nagedacht worden over de vraag welk effect het zal hebben. Zelf zal ik deze verkiezingen benaderen van uit mijn ‘Kleine Tikken Theorie’. Deze gaat er vanuit dat in een situatie dat landelijke verhoudingen stabiliseren, c.q. elkaar in evenwicht houden, de ruimte relatief groter is voor lokale partijen en afdelingen van landelijke partijen om zich met goed ingestoken standpunten en campagne-uitingen te profileren.

Zou het echt?

Rekening houdend met de verwachte lage opkomst, zijn er toch wat punten die doen twijfelen aan de consensus. Zou het echt?

  • Gerekend mag worden met 4% of nog lagere opkomst dan in 2010: toch een fors grotere ruimte die per saldo ten gunste komt van de lokale en landelijke middenpartijen.
  • Vooral de PVV-kiezers blijven weg. De PVV gooit alles op de Europese verkiezingen. Wilders moet zijn eerste opvallende uitspraken over de gemeenten nog doen. Omdat de lokale hechting de afgelopen 4 jaar miniem is gebleven, betwijfel ik of de partij de grootste wordt in beide steden
  • Mijn schatting is dat het hoogtepunt van de groei van de lokale partijen achter de rug is en nu met een klein plusje op 21-22% zal uitkomen. Ja, lokale partijen profiteren van de personificatie van de politiek. Ja, er is veel afkeer van de landelijke politiek. Daar staat tegenover: nee, lokale partijen besturen evident niet beter dan lokale afdelingen van landelijke partijen en nee, want die lokale afdelingen zijn er steeds beter in geworden lokaal herkenbaar te opereren.
  • D66 profiteert van de landelijk positieve profiel, maar die impact zal beperkter zijn dan gedacht. Behalve in de grotere steden hebben ze nog niet de aanwezigheid waar het nu op aan zal komen. Pas over 4 jaar worden ze zo echt de brede dreiging voor zittende regeringspartijen – als ze dat zelf niet worden.
  • CU en SGP zitten in een wat vergelijkbare situatie, waarbij ze er verstandig aan doen om in de grotere steden een lijstverbinding met een grotere partij aan te gaan. De andere kleine partijen kunnen wellicht wat incidentele successen boeken.
  • PvdA en VVD zullen inderdaad een stevige stap achteruit moeten doen, maar door het opkomsteffect zal dat vooral voor de VVD nog meevallen. In elke plaats zijn nu mensen die, net als bij het CDA voorheen, met de partij verweven zijn door posities en carrièrekansen. Voor hen geldt: alle hands aan dek. Dan moet je gevestigde partijen nooit onderschatten. Dus: de PvdA blijft nipt de grootste in Amsterdam en de noordelijke provincies. De VVD behoudt veel van de rijkere randen van stad en land.
  • Groen Links mag, gelet op hun goede resultaten 4 jaar geleden, hopen dat ‘het meevalt ten opzichte van toen’. Ik vrees dat de strijd in de grote steden daar te heftig voor wordt, ook in GL-stad Utrecht.

Veel kleine tikken maken ..

Resteren bovenal SP en CDA. Het zijn de partijen die de afgelopen periode de meeste vrijheid hebben gehad om overal hun ‘kleine’ beleids- en promotietikken uit te delen. Een vrijheid die ze ook in hun campagnes het meeste hebben. Dit is zeker geen universele uitspraak. De SP heeft op lokaal niveau veel blauwe plekken opgelopen en ook het CDA kan worden geassocieerd met ongelukkige projecten en beslissingen. Maar ze hebben niet bijvoorbeeld de last waar de VVD bij de herindelingsverkiezingen in Alphen onder moest zuchten: een impopulair kabinet in combinatie met een wethouder die verantwoordelijk was voor een impopulair centrumproject. Beide partijen hebben de ruimte nu overal aanwezig te zijn en te profiteren van hun lokale kracht.
De signalen zijn er ook naar. Bij het CDA overzie ik dit het best en dan hoor je overal de juiste tikken: gespreide lijst? Tik. Alle wijken en kernen vertegenwoordigd? Tik. Veel nieuwe kandidaten? Tik. De juiste verkiezingsitems? Tik. Websites en social media onder de knie? Tik. Geen landelijke stoorzenders, wel toegewijde hulpzenders? Tik. Lokale politici met pit? Tik.
Zo heel veel tikken bij elkaar en je hebt een doorbraak, zeker als de traditionele ‘negatieve factoren ontbreken (kabinetsdeelname) en vooral: als het landelijke beeld gezet is en mensen zich vrij voelen om op lokaal niveau een andere keuze te maken. Dat laatste lijkt nu aan de hand te zijn. Tijd om – met een knipoog – de Kleine Tikken Theorie in werking te zien.

Wat precies te voorspellen, zonder al te wild te worden? Ik denk dat in het zuiden SP en CDA gaan strijden om de stemmen die niet naar de lokale partij gaan. In het niet verstedelijkte midden en oosten gaat het CDA echt verkiezingen winnen, evenals in veel niet-verstedelijkte plaatsen in het (zuid en noord) westen. De SP zie ik, behalve in het zuiden, nergens echt winnen, maar in veel (middel)grote steden zullen ze niet te negeren zijn rond de College-onderhandelingen. Het CDA zal in deze steden kleiner blijven dan SP, maar ze zullen niet in zetels terug gaan en eigenlijk nog onmisbaarder zijn voor de onderhandelingen.

Per saldo zal het CDA goede kansen maken om die onderhandelingen in het totaal van het landelijke opnieuw te winnen. Of je daar als partij echt blij mee moet zijn gelet op wat je dan voor ellende op het bord krijgt, is de vraag, maar zolang dat het doel is van verkiezingen heeft elke partij het recht en de plicht daarnaar te streven.

Prognoses

Mijn prognose voor de raadsverkiezingen, vertaald naar landelijke percentages:
VVD: 13 (-3); PvdA: 13 (-3); PVV: 1 (0); SP: 8 (+4); CDA: 14 (-1); D66: 11 (+3); GL: 3 (-4); CU / SGP: 9 (+1); overige landelijke partijen 3 (0%. Lokale partijen: 25 (+1).

Met andere woorden: niet radicaal afwijkend van de peiling van De Hond, maar dichter bij het traditionele landelijk beeld dan nu wordt verondersteld. veel partijen mogen zich winnaar noemen. Voor de ‘echte’ winnaar denk ik dat het aankomt op het tellen van de stemmen.

Tot slot de prognose voor de grootste partij in de grootste vier steden:
Amsterdam: PvdA; Rotterdam: Leefbaar; Utrecht: D66; en Den Haag: laat ik eens een journalist nadoen en een tikkie wild zijn: CDA. Wat zijn die daar goed aan het tikken.

 

Peter Noordhoek

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


Onze wereld is groot, complex en hoog als een berg. Weersomstandigheden wijzigen zich voortdurend. Hoe kom je dan aan de top?
Kaarten en instrumenten kunnen helpen. U vindt er hier vele. Het echte geheim schuilt in de mentaliteit waarmee u de berg te lijf gaat. Dan geldt wat iemand ooit vertelde: "De noordkant van een berg is het moeilijkste om te beklimmen, maar het meeste de moeite waard." Bij Northedge gaan we voor kwaliteit boven kwantiteit. Het vergt meer denkwerk, meer inspanning, meer van meer. Maar het is zo de moeite waard.  

Peter Noordhoek