Contact

Northedge B.V. 
Oosthaven 15-16 
2801 PC Gouda 
The Netherlands 
T 31 (0)182 684545 

www.northedge.nl 
Tw @PeterNoordhoek 

Archief

Door met minder en beter.

In deze tekst een eerste analyse van het regeerakkoord op de punten regeldruk, toezichtlasten en dienstverlening.

Het nieuwe kabinet zet de lijn van eerdere kabinetten voort als het om de ambitie gaat tot minder regels en toezichtlasten te komen en tegelijk tot een betere dienstverlening. Of het er voldoende middelen voor inzet is de vraag, maar de ambitie is er niet minder om. Een overzicht.

Direct al in de begeleidende brief pakken Rutte en Samsom de koe bij de horens, waarbij tegelijk ook een inkijk wordt gegeven in de verschillende vertrekpunten van de partijen: “De ene partij is beducht voor een overheid die in de weg loopt. De andere partij is beducht voor een overheid die mensen in de steek laat.” Die spanning wordt overbrugd door niet alles en iedereen over één kam te scheren en om dan uit te komen bij: “Een betrouwbare overheid die kansen biedt en grenzen stelt; die optimaal beschermt en minimaal belemmert.”
In diezelfde brief wordt dan gezegd: “Een sterke economie heeft baat bij een hoge kwaliteit van dienstverlening door de overheid.” Vakmanschap wordt daar als sleutelwaarde bij gezien. Een als randvoorwaarde, even verderop: “Niet toegeven aan de reflex om po elk incident te reageren met nieuwe regelgeving. Bewezen vakmanschap belonen met minder verantwoording en controle”. Dit laatste lijkt ruimte voor meer horizontaal toezicht te maken, maar zo concreet wordt het niet benoemd, ook niet in het eigenlijke akkoord. Voor de kwaliteit van het proza is dat maar goed ook.

Klaroenstoot

Wat vervolgens in het akkoord terugkomt, moet bovenal op pagina 10 worden gezocht. Het begint met een lange klaroenstoot: “Een effectieve borging van publieke belangen moet samengaan met ruimte voor vernieuwing. Daarom gaan we met kracht door met het verminderen van regeldruk en kiezen we voor een samenhangende aanpak in de verschillende sectoren op het terrein van ordening, sturing en toezicht.”
De uitwerking laat zien dat op dit punt de activiteiten van de ministeries van BZK, EZ zijn samengevoegd: er wordt gesproken over de regeldruk voor ‘bedrijven, professionals en burgers’. In 2017 moet er sprake zijn van een structurele verlaging met 2,5 miljard van de regeldruk en “daartoe wordt er een verband gelegd tussen het invoeren van nieuwe regels en het laten vervallen van bestaande regels.” De bij eerdere kabinetten genoemde stelregel om geen nieuwe regels te hebben zonder oude te schrappen, wordt dus in matige vorm herhaald.

Sectoraanpak

Tot zover goed, maar niets nieuws. Dat komt wel in het volgende punt: “we gaan ook de minder meetbare, maar zeer merkbare regeldruk verminderen”. Bijzonder. Hier wordt dat concreet gemaakt door in ‘vijftien regeldichte sectoren en domeinen’ de problemen te verkennen en tot oplossingen komen. Dit punt is de kern van de aanpak van het VNG-BZK-EZ programma ‘Concreter en beter. Goede regels, gerichte service’. De keuze van de sectoren is breed.

Dan komt hier direct achteraan de opheffing van de wettelijk winkelsluiting op zondag aan de orde. Het is een relatief klein, maar principieel punt van regelgeving. Het laat direct ook zien hoe lastig regeldrukvermindering kan zijn: in de kern gaat het niet om een vermindering maar om een verschuiving van de regeldruk van rijk naar gemeenten.

Herbezien toezicht

Vervolgens gaat het vizier weer op macro, richting het toezicht. “de vormgeving van het toezicht wordt waar nodig herbezien – ook in samenwerking met medeoverheden – om met behoud van effectiviteit de toezichtlasten te verminderen.” Wat hier waarschijnlijk wordt bedoeld is dat overlappingen van inspecties en andere toezichthouders moet worden tegen gegaan en dat er meer ruimte komt voor fenomenen als systeemtoezicht en horizontaal toezicht. Ook dat is conform lopende programma’s, maar het is goed dat het akkoord de weg wijst – waarbij de toezichthouders eigenlijk wel moeten, want de toezichthouders moeten wel degelijk hun bijdrage leveren aan een forse verkleining van de overheid, tot structureel 1,1 miljaard in 2017.

Betere dienstverlening?

En dan de dienstverlening. De ambitie is beperkt maar concreet geformuleerd: bedrijven en burgers kunnen uiterlijk alle zaken met de overheid digitaal afhandelen. Voor ondernemers komt er een eenmalige gegevensaanvraag voor die ondernemingen die gebruik maken van het ondernemingsdossier.
Beide punten verdienen een meer kritische blik. Het eerste omdat het lijkt te veronderstellen dat het mogelijk en wenselijk zou zijn om alles digitaal af te handelen. Veel burgers zijn en zullen nooit in staat zijn de digitale wegen te bewandelen en ook voor hen die geen digibeet zijn blijft fysiek contact belangrijk. Dat weten de makers van dit akkoord ook wel, maar ja, die bezuinigingen. Goed, maar geef dan aan hoe je daar mee om wilt gaan. Zeker het PvdA programma heeft op dit punt wat te melden in de vorm van maatschappelijke initiatieven, maar daar is heel weinig van terug te vinden in het akkoord.
Het ondernemingsdossier is een goed initiatief, ook omdat het voortkomt uit een echte samenwerking tussen overheid, en het georganiseerde bedrijfsleven. Branches tonen zich hierin voortrekker. Het is wel opmerkelijk, omdat er tegelijk een nieuwe ZBO wordt gevormd die het Handelsregister verder moet vormgeven. Er moet zelfs sprake zijn van een ‘versnelde effectieve inzet van basisregistraties’, maar dat vanwege de bezuinigingen. Hoe verhouden zich dit tot elkaar? Sigaar uit eigen doos voor het bedrijfsleven?

In hetzelfde deel van het akkoord wordt gesproken over tien publiek-private doorbraakprojecten op vooral ICT terrein en wordt er gesproken over verbetering van de governance. Samen vormen de zeven maatregelen voor het kabinet een deel van de brug op weg naar meer ruimte voor groei.

Wenkbrauwen

De tekst van het akkoord is, zoals mag worden verwacht, verder in lijn met de wens om als overheid minder te doen en meer te laten. Het moet nog altijd minder en beter. Toch blijkt het niet altijd mogelijk daar aan vast te houden.
Een wenkbrauw mag worden gefronst als in het hoofdstuk over onderwijs wordt gesteld: “Er komen normen die borg moeten staan voor de menselijke maat in het onderwijs en voor minder overhead.” Bij normen voor minder overhead kan iedereen zich wat voorstellen, maar “normen die borg staan voor de menselijke maat”? Heel benieuwd, maar is hier het middel niet erger dan de kwaal?

Binnen de zorg wordt nog meer ingezet op convenanten. Formeel is dat geen vorm van regelgeving, maar vermoed mag worden dat het een vergelijkbare werking heeft. Hoe gedetailleerd zijn deze convenanten. Overigens heeft onderzoek laten zien dat convenanten niet noodzakelijk beter werken dan wet- en regelgeving. Wat ook zorg over zorg geeft is dat het nog steeds erg belangrijk is om over heel veel zaken prestatiegegevens aan te leveren. Hoe begrijpelijk ook, het is wel een bron van onnodige bureaucratie.

Dit laatste kan natuurlijk ook gelden voor de andere beleidsterreinen, al is het weer positief om bijvoorbeeld onder het hoofdstuk Veiligheid en Justitie te lezen dat het ‘civiel proces vergaand wordt vereenvoudigd’, onder andere door het verschil tussen verzoekschrift en dagvaarding te laten vervallen. Als je voetbalfan bent wordt het echter weer oppassen: die wet wordt aangescherpt.

Duidelijke intenties, minder duidelijke middelen

Dan de effecten voor het bestuur zelf. Als het om regel- en toezichtlasten gaat zal dan toch eerst en vooral naar de effecten van decentralisatie worden gekeken. De inzet is weer helder en krachtig. De rijksoverheid gaat goedkoper, flexibeler en efficiënter werken, “met minder bestuurlijke en ambtelijke drukte en regeldruk”. Dat moet vervolgens weer bijdragen aan de dienstverlening. “Beleid en uitvoering worden vereenvoudigd, toezichtstaken en adviesfuncties samengevoegd, taken beëindigd of gedecentraliseerd en de deregulering met kracht voortgezet.” Dat alles leidt tot lagere nalevingskosten, is de logische veronderstelling.
Of dat inderdaad zo uitwerkt zal in niet geringe mate afhangen van de wijze waarop de decentralisatie vorm gaat krijgen. Het rijk biedt de gemeenten ‘ruime beleidsvrijheid’. Of dat mogelijk is zonder grote monitorvoorzieningen en zonder dat gemeenten aan grote lokale regelgevingstrajecten gaan beginnen, is de sleutel vraag. Het valt natuurlijk wel samen met bezuinigingen en de gevolgen daarvan zullen toch ergens moeten worden opgevangen. Het zou niet de eerste keer zijn dat gebrek aan geld wordt gecompenseerd met meer regels. Alleen bekwame handen weten los te laten. Kijkend naar de hoogte van de bezuinigingen zal het zeker een opgave worden om de dienstverlening op pijl te houden. Het kabinet zet zwaar in op schaalvergroting om dit te ondervangen, maar alleen al door de overgangsperikelen zal dat een forse opgave worden.

Wie gaat dit doen?

Last but not least: wie gaat dit doen? We begonnen de opsomming van maatregelen op het terrein van regeldruk, toezichtlasten en dienstverlening in het hoofdstuk dat goeddeels onder het economisch beleid te scharen valt, wat Henk Kamp (VVD) in beeld brengt, een man die van wanten weet. Het laatste deel van deze tekst valt onder het hoofdstuk waar je normaal ‘minister van BZK’ bij denkt: Ronald Plasterk (PvdA), relatief nieuw op dit terrein. Maar hier komt een verassing: “Vanwege het grote belang en de complexiteit van deze opgave wordt de verantwoordelijkheid hiervoor ondergebracht bij een nieuwe minister voor Wonen en Rijksdienst met doorzettingsmacht, op het ministerie van BZK.” Stef Blok (VVD) en mede-onderhandelaar van dit akkoord, is zeker iemand aan wie doorzettingsmacht kan worden toegeschreven. Het maakt zeer benieuwd naar de precieze taakverdeling tussen de drie ministers die direct of indirect met deze materie te maken krijgen – en de wijze waarop dit richting de lagere overheden verder vorm gaat krijgen in bijvoorbeeld een bestuursakkoord met IPO en VNG.

Maar dan zijn we al bezig met de praktijk van het akkoord. Hier laten we het bij een compliment voor een in korte tijd geformuleerd akkoord dat zowel stevige hoofdlijnen als scherpe detailmaatregelen laat zien. Kom op, snel naar het bordes en dan door naar die praktijk.

 

Peter Noordhoek

Vaste lezers weten dat ik o.a. werkzaam ben als bestuursadviseur voor het VNG-BZK-EZ programma ‘Beter en concreter. Goede regels, gerichte service’. Hierin komen verschillende programma’s op het terrein van regelgeving, toezicht en dienstverlening samen. Daarom nadrukkelijk: dit is geschreven op persoonlijke titel.

One Response to Door met minder en beter.

  • cmj_leroux@hotmail.com'

    Wat ik eigenlijk nog belangrijker en menselijke vind, is de weeffout die is ontstaan vanwege het voorstel om te snijden in het aantal gemeenten (alleen gemeenten met meer dan 100.000 inwoners) enerzijds en anderzijds de decentralisatie van overheidstaken verder vorm te geven. Als je aan de ene kant zorgt voor grotere gemeente (wat naar loop van tijd altijd praktisch uitpakt tot deelgemeenten) dan kan dat niet samengaan met decentraliseren van zorgtaken. Zo is het voorstel om de AWBZ verder af te slanken waardoor de verzorging en begeleiding naar de gemeente gaat. Dit onder het mom van; de zorg dichterbij de burger te brengen. Volgens mij verlies dit nu zijn kracht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


Onze wereld is groot, complex en hoog als een berg. Weersomstandigheden wijzigen zich voortdurend. Hoe kom je dan aan de top?
Kaarten en instrumenten kunnen helpen. U vindt er hier vele. Het echte geheim schuilt in de mentaliteit waarmee u de berg te lijf gaat. Dan geldt wat iemand ooit vertelde: "De noordkant van een berg is het moeilijkste om te beklimmen, maar het meeste de moeite waard." Bij Northedge gaan we voor kwaliteit boven kwantiteit. Het vergt meer denkwerk, meer inspanning, meer van meer. Maar het is zo de moeite waard.  

Peter Noordhoek