Contact

Northedge B.V. 
Oosthaven 15-16 
2801 PC Gouda 
The Netherlands 
T 31 (0)182 684545 

www.northedge.nl 
Tw @PeterNoordhoek 

Archief

Strategisch beraad: tussen een stip en een vel blanco papier

In deze nieuwe polblog aandacht voor het Strategisch Beraad en de andere gremia die het CDA deze maand heeft ingesteld om de partij van een nieuwe impuls te voorzien. Het was een week vol met (bezuinigings)nieuws, maar hier kon ik niet omheen. Vanaf deze week kan er gereageerd worden op de blog. Mocht de lezer daarbij technische problemen ondervinden, laat het svp weten.

Deze week werd het trio compleet gemaakt. Een drietal gremia – een commissie, een werkgroep en een beraad – gaan aan de slag om het CDA te voorzien van respectievelijk een ‘hertaling van het gedachtegoed’, een nieuw organisatiemodel en een koers die het CDa klaar moet maken voor de toekomst. De drie gemia moeten hun werk allemaal op het najaarscongres van oktober a.s. opleveren, waarna de leden aan zet zijn.

Goed nieuws

Het is goed nieuws dat de drie gremia er nu zijn. Cynici kunnen schamper zijn over deze poging tot ‘renewal by committee’, maar het past bij een brede volkspartij en we weten prima hoe we het werk van dergelijke commissies kunnen vertalen richting een democratische besluitvorming. Het is een goed midden tussen twee uitersten. Je kan er direct een debat voor alle leden van maken, maar waar heb je het dan eigenlijk over? Hoe geïnspireerd is dan de basis voor zo’n debat? Of je kan de klus laten klaren door een denker of voorman van de partij. Zowel bij het CDA als bij andere partijen zie je hoe de partij dan afhankelijk wordt van de inspiratie van een enkele persoon. Nee, dit is voor deze partij op dit moment de goede aanpak.

Het proces past de voorzitter

Goed nieuws is ook dat er nu een voorzitter is die past bij dit proces. Afgelopen week mocht ik haar in actie zien in Hellevoetssluis. Ik merkte dat er een voorzitter stond die goed in haar vel stak. Ze ging in ieder geval heel soepel met alle vragen en zorgen van de leden kan omgaan en dat gaf een naar zonnestralen zoekend publiek moed. Tijdens de voorzitterscampagne heb ik mijn zorg uitgesproken over het gebrek aan inhoudelijk profiel van de voorzitter. Waar staat ze nu echt voor? Het zou kunnen dat dit haar alsnog parten gaat spelen, maar voor het moment is duidelijk waar ze voor staat: dit proces. En volgens mij heeft ze het noodzakelijke geduld en het lef om dat proces voorrang te geven boven alle druk om te werken aan ‘het gezicht’ van het CDA. Ik zag haar af en toe kijken en dacht ‘laat niemand deze dame onderschatten’. Dit proces is voor haar belangrijker dan welk Haags gebeuren ook.

Breed proces

Wat niet betekent dat er geen commentaar mogelijk zou zijn op de drie gremia. Geen voordeel zonder nadeel. In de gemaakte keuzes zitten een paar consequenties ingebakken die er voor kunnen zorgen dat het brede proces een te smalle uitkomst gaat krijgen. Daarom mijn commentaar. Mede omdat in de presentatie zelf zoveel aandacht uitging naar de samenstelling van de commissie, ontkom ik er niet aan daar ook wat over te melden. Uiteindelijk gaat het natuurlijk om de vraag wat we inhoudelijk van de gremia mogen verwachten. 

De samenstelling van de drie gremia is duidelijk een interventie op zich geweest. Ruth sprak open over de gedachte dat ergens in deze drie groepen zich de nieuwe Balkenende zou bevinden, maar met haar glimlach temperde ze die verwachting meteen. Gelijk heeft ze. Wat ze vooral lijkt te hebben gedaan is nadenken over de samenstelling van de gremia en de balans er tussen (overigens schrijf ik dit terwijl ik veel moeite moet doen om op de CDA-site een goed overzicht van alle gremia te krijgen. Jammer).

Commissie Uitgangspunten

De ‘Commissie Uitgangspunten’ staat onder leiding van Jacobine Geel. De keuze van deze voorzitter staat gelijk voor de verdere rode draad in de samenstelling ervan: de ontmoeting tussen mensen binnen en buiten het CDA en de ontmoeting tussen generaties. De mensen zelf staan wat mij betreft buiten discussie. Elk van hen heeft veel in te brengen. Persoonlijk verwacht ik dat Paul Schenderling de ruimte zal krijgen om zijn visie neer te zetten. Ik ben benieuwd. En toch en toch, heb ik juist bij de samenstelling van deze commissie commentaar. Het commentaar is tweeledig. In de eerste plaats zie ik geen mensen van wie je kan vermoeden dat ze uitgesproken taalvirtuozen zijn. Hoe taalvaardig deze mensen ook zullen zijn, het zijn bovenal mensen die begenadigd zijn als het om nadenken gaat over concepten en maatschappijbeelden. Hier wreekt zich onze magere verankering in de culturele sector. Het zou zo goed zijn als we als CDA eens echt gebruik zouden maken van mensen die het in zich hebben de diepere lagen van de taal te raken. Dat kunnen literair begaafde mensen zijn die gewend zijn om verhalen te schrijven, maar wat mij betreft kan ook het om een bijzondere reclameman of -vrouw gaan.

Dat brengt mij gelijk bij het tweede punt. Eerder al heb ik er voor gepleit om het bezig zijn met de inhoud niet los te koppelen van het denken over campagnes. Ik zou willen dat de ‘Commissie Uitgangspunten’ net zozeer gaat voorsorteren op de permanente campagne als het Strategisch Beraad wordt geacht voor te sorteren op een permanente programmacommissie. Dat dit niet is gebeurd, geeft aan hoe diep de weerstand zit tegen het ‘marketingdenken’ en het politiek maken op basis van peilingen. Dit is een tragisch misverstand. Programma en campagne horen hun bron te vinden in hetzelfde gedachtegoed en dus ook in dezelfde woorden en verhalen. In de afgelopen jaren is dat maar ten dele gelukt. Het is opmerkelijk hoezeer juist een in het christen-democratisch gedachtegoed doordrenkte premier als Balkenende meer en meer gebruik is gaan maken van peilingen. Kennelijk schoten de woorden tekort. In ieder geval geeft het aan hoe ingewikkeld het voor een modern politiek leider kan zijn om het verschil te overbruggen tussen de plek waar hij denkt zich te bevinden en de plek waar de kiezer zich lijkt te bevinden. Een te grote afstand tussen en politiek leider en zijn of haar partij is een steeds groter probleem in de politiek – en ja, ook Rutte heeft er al problemen mee. Naarmate er vervolgens uit peilingen lijkt te komen dat er nieuwe woorden gevonden moeten worden om het verschil te overbruggen, is de kans dat het mis gaat tussen politiek leider en achterban groter. Kortom; hoe sterker en aansprekender de woorden zijn die in het proces van ‘hertalen en verhalen’ gevonden worden, hoe beter het ook is voor het latere campagnewerk en uiteindelijk voor de acceptatie van de politieke boodschap. 

Werkgroep Organisatie

Nauwelijks opgemerkt, maar niet onbelangrijk, is ook de ‘werkgroep organisatie’. Deze werkgroep wordt slechts bezet door drie personen: Theo Camps, Rixt Meines en Lucas Meijs. Het lijkt me dat je voor zo’n samenstelling kiest als creativiteit wat minder belangrijk is en je vooral wilt dat de boodschap met gezag wordt gebracht. De drie kunnen lezen en schrijven met elkaar, kennen de partij op hun duimpje, maar zijn er niet van afhankelijk. Het belooft dat er een kort rapport komt met een paar heldere uitspraken over de ´governance´ van de partij en de wijze waarop met kandidaatstellingen (‘primeries´) en het HRM-beleid zal worden omgegaan. Ik durf er wat om te verwedden dat ze niet zo ver durven te gaan als de partij in 1995 durfden te gaan op een congres: het afschaffen van het hele resolutiecircus. Een tikkeltje te wild amigo. Waarmee ik niet wil zeggen dat dit een onbelangrijke werkgroep is. In veel opzichten zal het aangeven waar de piketpalen komen te staan waar vandaan de partij zich verder zal moeten ontwikkelen.

Strategisch beraad

Er valt altijd wat te plussen en minnen rondom de samenstelling van lijsten en groepen, maar per saldo ziet de samenstelling van dit Strategisch beraad (SB) er zeer doordacht uit. De voorzitter is goed gekozen. Aart-Jan de Geus was een stevig minister, maar hij heeft zich volgens mij indertijd tekort gedaan door minister te worden in zijn eigen biotoop van de sociale zekerheid. Op een ander departement was zijn vermogen om de grote lijn te zien waarschijnlijk nog beter tot z’n recht gekomen. Een fijn mens die de ego’s in dit beraad makkelijk aankan. En het zijn een paar interessante ego’s. Natuurlijk gaat de aandacht in de eerste plaats uit naar Jack de Vries. Alleen al inhoudelijk is het terecht dat hij er in zit. Juist in het verguisde kabinet Balkenende IV was hij het die er als verse staatssecretaris nog het meeste toe bedroeg dat de eenheid in het team van CDA-bewindslieden nog een beetje overeind bleef. Hij kan echt net dat stapje verder denken dan anderen. Tegelijk zal hij nog lang last blijven houden van het mede door hemzelf geschapen imago. Lidmaatschap in dit beraad is een welkome extra stap terug naar de achterban waar hij uit vandaan komt. Maar zo zijn er meer interessante personen. Pieter van Geel heeft geen eerherstel nodig, maar nog altijd wordt onderschat hoe geweldig de prestatie is die ook hij heeft geleverd tijdens Balkende IV. En heel interessant: Joep Maurits. Deze communicator was totaal uit de gratie bij Balkenende c.s. nadat hij het had gewaagd Marnix van Rij te steunen ten tijde van het conflict met Jaap de Hoop Scheffer. Ook hij is weer terug. Daarnaast is er in het Strategisch beraad de nodige continuïteit: Lans Bovenberg, maar vergeet ook Guusje Dolsma niet. Wie van de nu nog onbekenden zal later zeer bekend worden? We zullen het zien. Opvallend is hoe de samenstellers van het beraad hun best hebben gedaan rekening te houden met verschillen in religies en achtergronden. Bijvoorbeeld van iemand als de Brabantse ondernemer Jan Melis mag verwacht worden dat hij heel goed aanvoelt waarom zoveel van zijn provinciegenoten PVV stemmen. Het enige wat ze niet hebben gedaan – en dat is dan mijn enige punt van kritiek op de samenstelling – is er iemand bij hebben die de seculiere meerderheid van dit land vertegenwoordigd.

Van piketpaal naar stip op de horizon

Inhoudelijk heb ik meer moeite met het Strategische beraad, al gaat het voorlopig meer om vraagtekens dan conclusies. Ruth Peetoom zegt dat het Strategisch Beraad ‘een stip aan de horizon moet zetten’. Het is een Beraad voor de middellange termijn. Zeg; de kabinetsperiode voorbij de huidige, waarbij het beraad in ieder geval al een paar ruwe lijnen voor het nieuwe verkiezingsprogramma gaat opleveren, als basis voor een permanente programmacommissie. In ieder geval is het niet de bedoeling dat dit Beraad het huidige kabinet al te zeer voor de voeten gaat lopen. Toch dringt de vraag zich op wat dan het vertrekpunt van dit Beraad is. Vanaf welke piketpalen wordt de lijn doorgetrokken naar de toekomst? Het is zeer logisch om dezelfde vier beginselen tot uitgangspunt te nemen waar de Commissie Uitgangspunten de hertaling voor verzorgt. Deze commissie zal, evenals de werkgroep organisatie, op hetzelfde moment haar huiswerk opleveren als het Strategisch Beraad. Met veel tussentijdsoverleg zal het werk wel met elkaar te sporen zijn, maar verschillen in uitgangspunten zijn letterlijk en figuurlijk te verwachten en in ieder geval vekleint het bestaan van de commissie de ruimte voor het beraad om echt iets nieuws te bedenken.

Stippellijn en stip

En daar zit mijn grootste bezwaar. Ik zie nu een stippellijn voor me tussen de uitgangspunten en de stip aan de horizon. Die stippellijn is de koers. Iedereen zal er op gaan letten of deze koers niet net links of rechts van die stip uit zal komen. Een stip die een echte middenstip zal blijken te zijn. Vooralsnog is het mijn beeld dat het beraad weinig ruimte heeft om erg ver van die stip af te wijken. Het zou voor mij ook verklaren waarom iemand als Ab Klink afziet van deelname aan dit beraad: de opdracht en samenstelling wijzen richting een proces dat waarschijnlijk niet zo radicaal van aard zal zijn als nodig is om door het dal heen te komen waarin het CDA nu verkeerd.

Blanco papier

Mijn eigen beeld is dat de huidige situatie niet vraagt om een stip aan de horizon, maar om een blanco vel papier. Er zijn allerlei negatieve scenario’s denkbaar, maar er is ook alle reden om te denken dat een partij die tabula raza – op het lege veld – wordt getekend erg succesvol zou kunnen zijn. Het potentieel voor een nieuwe groei van een partij als het CDA is groot. De VVD wordt op rechts de concurrentie met Wilders in getrokken. Op links lonkt het gapende gat dat de imploderende PvdA achter laat. D66 stapt nu in de leegte van het midden, maar is afhankelijk van een leider die zichzelf al te lang hoort praten en zoekt nog altijd naar een geloofwaardige opvolger van het agendapunt van de staatkundige verandering. De Christen Unie? Uiteindelijk net zo’n partij als het CDA, maar dan kleiner. En ondertussen is de samenleving haar conceptuele ankers van markt en overheid kwijt en zoekt naar een gezagvol alternatief. Wat een ruimte in het midden, wat een weelde! Maar een Beraad dat op zoek gaat naar een stip in de verte loopt het risico de te vullen leegte niet te zien. Wat mij betreft is het daarom nu tijd voor de vraag ‘Wat als ik de partij nu zou willen uitvinden? Waar kom ik dan nu op uit?’ Nou ja, iemand die al lid is van het CDA sinds 1982 zou zich dit soort naïeve vragen niet meer moeten stellen. Maar toch; het kriebelt, het jeukt. Als ik mijn schetsboek zou pakken, en op een leeg vel mag beginnen, dan zet ik geen stip, maar trek ik een cirkel. En die zou ik gaan vullen.

.

One Response to Strategisch beraad: tussen een stip en een vel blanco papier

  • Monakeijzer@telfort.nl'

    Interessant. En in grote lijnen eens. Met name de seculieren mis ik. Nu ken ik die, dus ik zal zeker een interviewsessie voorstellen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


Onze wereld is groot, complex en hoog als een berg. Weersomstandigheden wijzigen zich voortdurend. Hoe kom je dan aan de top?
Kaarten en instrumenten kunnen helpen. U vindt er hier vele. Het echte geheim schuilt in de mentaliteit waarmee u de berg te lijf gaat. Dan geldt wat iemand ooit vertelde: "De noordkant van een berg is het moeilijkste om te beklimmen, maar het meeste de moeite waard." Bij Northedge gaan we voor kwaliteit boven kwantiteit. Het vergt meer denkwerk, meer inspanning, meer van meer. Maar het is zo de moeite waard.  

Peter Noordhoek