Uitslagenavonden

Van uitslagenavond naar uitslagenavond: een ooggetuigeverslag.

Komende woensdag, 15 maart 2017, mogen we stemmen en dan komen de leden van de partijen bij elkaar voor elk hun eigen uitslagenavond. In hoop en vrees verzamelen kandidaten, campaigners en partijgenoten zich in zalen die of te groot of te klein zullen blijken te zijn, aangevuld door mediamensen en inhakers die hopen op een fotogeniek feest of een car crash. Vanaf 1990 heb ik er velen meegemaakt op landelijk en lokaal niveau: het zoet en het zuur gesmaakt, gejuicht, me stierlijk verveeld, teleurstelling verwerkt en diep drama meegemaakt. Komende woensdag mag ik het weer meemaken. Eerst mag ik nog een groep Bosniërs trainen, die hier deze dagen hier in Nederland zijn om onze democratie in actie te zien. Daarna gaan we gezamenlijk naar de locatie, op tijd voor de eerste prognose na het sluiten van de stembussen en beginnend aan het lange wachten op de echte stembusuitslagen. Het wordt laat.

Als opwarmer zet ik wat herinneringen op een rij zoals ik de eerder heb opgeschreven over uitslagenavonden. Op een enkel na, allemaal uitslagenavonden van landelijke verkiezingen. Geen zorg; niet alle uitslagenavonden, wel degenen die een keerpunt beschrijven. Zoals vaker, zijn dat in meerderheid avonden waarop het mis ging, maar er zijn er genoeg waarop vreugde en opluchting zo om voorrang streden dat je denkt: ‘WoW, hier was ik bij!’. Dat laatste hoop ik natuurlijk ook voor komende woensdag. Waarschuwing: dit is zelfs voor mij een lange tekst. Maar met al dat handmatig tellen zou de avond ook nogal eens lang kunnen worden, dus …

1994

‘Laat Lubbers z’n klus afmaken’, was de slogan in 1989 en dat waren de kiezers met het CDA eens. Het leverde een mooie uitslagenavond op.


Toch is die van 1994 voor mij persoonlijk het meest memorabel: ‘the negative stands out’. Toen werden we de wildernis ingestuurd. Kort daarvoor had ik het moment meegemaakt waarop Lubbers uitsprak zijn stem aan Hirsch Ballin te geven in plaats van aan Elco Brinkman, maar dat moment had ik niet geregistreerd als historisch. Van de uitslagenavond was overduidelijk dat die schokkend zou worden.

Elke uitslagenavond kent een eigen sfeer. De meeste uitslagenavonden heb ik meegemaakt in de Pulchri Studio’s in den Haag. Een kunstenaarssociëteit met krakende parketten en het soort kunst aan de muur dat geen CDA-dromen droomt. Een perfecte locatie dus voor absurde, zweterige avonden met veel bier en rode wijn om een overwinning mee te vieren, want dat was de gewoonte tot een fatale avond in 1994 toen het CDA de nacht verloor. In de hoogtijdagen van Lubbers was het in de ogen van de nieuweling die ik toen in de politiek was een indrukwekkende mengeling van Bekende Nederlanders en gewone leden. Wat me trof was hoe letterlijk en figuurlijk klein de afstand tussen beiden was. Veel minder dan verwacht door iemand die ‘de politici’ vooral via de televisie kende. Het familiegevoel overheerste en vloeide langs de plukken camera’s en journalisten die er tussenin stonden als stenen in een lage rivier. De afstand die ik tot de bewindspersonen voelde was de afstand die ik er zelf maakte, zoals ik me toen realiseerde. In de hoeken van de gangen en zijzalen van Pulchri kwamen de gesprekken tot stand die me wegwijs maakten in de wegingen achter elke campagne en uitslag. Een leerschool in spanning, tot de avond in 1994, waarin Lubbers de grenzen van zijn mandaat bereikte te midden van tientallen priemende lenzen, om bevrijd te worden door de emotionele troost van de vrouw van Jan de Koning. Een avond om te herinneren, al was het maar door het grote aantal mensen dat tegen elkaar zei: ‘Kom op! We gaan vechten. We komen terug.’ Ze zeiden het zo dat je wist dat ze het minstens zozeer tegen zichzelf zeiden. De echte dingen kunnen zelden gezegd worden als wat werkelijkheid is geworden zich niet meer laat ontzeggen.

2001

Wat valt er over de verkiezing van 2001 veel te zeggen. De moord op Fortuyn, de teloorgang van Paars, de opkomst van LPF – en de onverwachte opkomst van het CDA. Zouden we echt terug kunnen komen uit de oppositie?

Met een vertraging van acht jaar kregen de Kop-Op-zeggers hun gelijk. Niet langer in Pulchri, maar in de taarten, bier en witte wijn omgeving van Grand-Café Dudok, pal tegenover het Kamergebouw. Minder voornaam, kleiner, wellicht wat beter te beveiligen. Moderner ook, hoewel zonder de knipoog van kunst. In 2001 werd het de plaats waar Jan Peter en 43 andere kandidaten hun overwinning vierden – GEWONNEN!! – samen met heel veel anderen, half tot heel dronken in een oververhitte zaal, geschokt en bevrijd door een overwinning die uit de verkiezingsstrijd schoot als een kurk uit een champagnefles. Het was ook een avond met echte momenten van transformatie. Omdat alle kandidaten door mij getraind waren in de aanloop naar de verkiezingen, had ik een hele eigen plek in de groep en kon overzien hoe, zodra de uitslag duidelijk was, de ene na de ander wegglipte in overleg, met name degenen die tot de binnenkring van Balkenende behoorden. Terwijl de man zelf nog op de schouders rond werd gedragen, merkte ik zo hoe Cees van der Knaap zich uit het gesprek met mij losmaakte om zich daarna samen met Piet Hein Donner terug te trekken aan een tafeltje in de kleine patio van Dudok. Intens en onhoorbaar spraken de mannen met elkaar. In de chaos en glorie werd een nieuwe structuur, een nieuwe hiërarchie geboren. Ondertussen zag ik hoe een kandidaat uit de lagere regionen van de lijst opeens zijn strak kijkende vrouw moest uitleggen dat hij voortaan zijn leven in Den Haag had. Georgina Verbaan en nog een dame drongen zich met de borsten vooruit door de menigte, op jacht naar Balkenende, met een dikke cameraman er hijgend achteraan, maar JP! JP! JP! had nu vooral aandacht voor Bianca en zijn stralende ouders. Een hele generatie nieuwe bewindspersonen en Kamerleden knipperde tegen de televisielampen in. Goed gedaan, allemaal.

2006

De spannendste verkiezing uit het tijdperk Balkenende was die van november 2006. In maart van dat jaar had de PvdA met Bos een enorme overwinning behaald en het CDA van Balkende een gevoelige tik opgelopen. Hoe kan je dat nog keren? En toch leek het op basis van de laatste peilingen te gaan lukken. Het werd toch nog een echte tweestrijd, maar zouden we echt terug kunnen komen? Een uitslagenavond om naar uit te kijken.

De uitslagenavond van 2006 voelde wezenlijk anders. Er was novemberkou in plaats van juniwarmte. Het was ook niet meer Dudok, maar de (anno 2017 gesloopte) foyer van het Nederlands Danstheater, iets verderop aan het Spui. Een pand met een zwarte glazen pui, van binnen gedomineerd door een oplopend gewelf; alsof je de hele avond schuin wordt gehouden. Mooi, maar niet erg des partij en met als aankleding posters in plaats van de grijns van schilderkunst. Voor het landelijk campagneteam was het de afronding van een zware campagne, voor mij toen de tussenstap op weg naar een volgende. Ik was er al vroeg. Veel te vroeg eigenlijk, als je optiek is om niet te veel tijd wachtend door te brengen. Op zo’n avond is het echter zaak zoveel mogelijk mensen te spreken om campagnezaken te doen, voordat het vieren of verdrieten de overhand neemt. De uitkomst was erg ongewis. Met de raadsverkiezingen had Wouter Bos dik en dik gewonnen. Je voelt dat je weer terug in de race komt, maar genoeg? Als dan rond 9 uur ’s avonds de eerste prognose binnenkomt en het blijken 41 zetels te zijn, dan weet je: we hebben het weer geflikt: we blijven de grootste partij. GEWONNEN. Ik juich met iedereen mee, maar het voelt half als een toneelstukje voor de camera’s. Het verbaast niet als veel reacties nogal technisch van aard zijn. Omdat ook de PvdA goed scoort, maar net tweede wordt, lijkt het er op dat we veroordeeld worden tot regeren met onze grootste concurrent. Kan dat wel? De VVD staat er in een gescheurd colbert bij, Wilders zit niet meer alleen op zijn zolderkamertje, Marijnissen en zijn SP hebben het goed genoeg gedaan om de PvdA van haar overwinning af te houden, D66 wordt vernietigd.

Vergeten is hoe ver we achter stonden in maart, de bespiegelingen gaan vooral over een net gemiste extra zetel en het balen over de positie van onze voornaamste coalitiepartner. Zelf loop ik rond te toeteren ‘En nu op naar de provinciale verkiezingen’, maar snap wel dat ik daar weinig energieke reacties op krijg. Ondertussen houd ik de uitslagen in de gaten en zie dat de gemeenten in Zuid-Holland het relatief goed doen. Zeker in de kleinere gemeenten zijn de resultaten goed, maar het verschil met de grotere steden is niet groot. Dat geeft moed voor maart. Mijn kandidaten zijn ook aanwezig, inclusief lijsttrekker Asje van Dijk, en het doet mij goed om ze nu al als een soort winnaars rond te zien lopen. Ik denk dat ik er zelf ook wel zo uit zie, maar ondertussen tollen de vragen door mijn hoofd: wat zal een combinatie van CDA en PvdA electoraal betekenen? Kan de VVD snel terugkomen? Vragen die ik naar mate de avond vordert steeds meer met anderen ga delen.

Een anderhalf uur na de exit polls is het tijd om echt de overwinning te claimen. Balkenende komt er aan. We bewegen ons richting de voet van een trap. Op die trap staan allemaal jongeren in CDA-kleding met borden in CDA-kleuren: ‘JP bedankt!’ Zelf word ik door de massa meer naar voren gestuwd dan gedacht. Het is onmogelijk om niet door een camera gezien te worden, maar toch beweeg ik me naar achteren. Ik voel me opgenomen in het enthousiasme, maar zo’n toneelspeler ben ik nu ook weer niet. Marja van Bijsterveldt start als voorzitter, de verpersoonlijking van enthousiasme. Dit is in belangrijke mate ook haar moment, Dan komen Jan Peter en Bianca naar beneden. Ze staan tegen de wand van jongeren. Het plaatje is perfect. We zingen allemaal ‘JP bedankt!, JP bedankt!’, net zolang tot hij het zat wordt en zijn stem verheft. Geen idee wat hij daarna zegt, maar dankwoorden zijn het zeker. We zijn blij, we are happy. We hebben gewonnen. Iets op de achtergrond staat Jack de Vries erbij alsof hij heel koel is, maar zijn ogen stralen over. Als het iemands overwinning is, dan is het de zijne.

‘JP bedankt!, JP bedankt! JP, JP, JP bedankt!’

Als ik eindelijk naar huis ga, is de parkeergarage gesloten. Ik hol naar het station en zie de laatste trein naar Gouda het perron verlaten als een afgewezen VVD’er. Hotelletje of taxi? Beide duur. Toch maar de taxi. Het is een vriendelijke chauffeur, blij met de lange rit. De volgende morgen merk ik dat ik mijn telefoon, zo’n heerlijke Nokia-kast, op de achterbank heb laten liggen. Ik bel. ‘Heeft u iets gevonden?’ ‘Nee, wij hebben niets gevonden.’

2007: Zuid-Holland

Kenmerkend voor uitslagenavonden is dat de grote leider zich pas laat zien nadat duidelijk is geworden wat de uitslag gaat worden. Voor de winnaar is dat een glorieus mediamoment, voor de verliezer een pijnlijk moment, niet zelden een moment van afscheid. Doorgaans zit ik gewoon in de zaal, maar ik ken ook de situatie wel waarin in de kleine kring rond de lijsttrekker het wachten plaatsvindt. Hier de situatie in maart 2017, met Asje van Dijk als lijsttrekker voor het CDA Zuid-Holland en mijzelf als campagneleider. Een onbetwist hoogtepunt en dit zijn mijn herinneringen van de uitslagenavond.

Dit waren geen landelijke verkiezingen, dus hoe formeel moet je het maken? Toch besloten we dat Asje niet de hele avond in de grote ruimte in het provinciehuis zou zijn waar de uitslagenavond werd gehouden. Hij zou tot het moment dat er enig zicht op de uitslag zou komen in zijn kamer blijven, samen met zijn familie, zijn persoonlijk assistent en mijzelf als campagneleider. We zouden geen heel strikt deurbeleid voeren, maar we moesten wel als het nodig was rustig kunnen overleggen hoe we met de uitslag om zouden gaan.

Het werd een gezellige, lange, licht nerveuze avond. We kregen een broodjesmaaltijd en het staat me bij dat Asje vooraf intenser bad dan anders. Het was ook een avond met teveel tijd om na te denken. Eén van de dingen die door mijn hoofd ging, was hoe ik hier zelf zat. Asje en de andere kandidaten wachtten op een bericht over een functie: gedeputeerde, Statenlid. Ik wachtte op een bericht waardoor mijn functie zou stoppen. Zo gingen de gedachten tijdens het wachten door. Af en toe kwamen er mensen uit ons team naar boven. Dat draaide vooral om de strategie richting de onderhandelingen. De meeste tijd werd besteed aan de speeches. Twee. Een overwinningsspeech en een speech waarin we een of meer andere partijen als winnaar moesten feliciteren. De overwinningsspeech moest kort zijn, maar wel direct al een uitnodiging aan de andere partijen bevatten voor een constructieve start van de coalitie. We wilden omarmen en zeker geen lange neus trekken. De andere speech zou ook kort blijven. Wie namen we in het dankwoord mee en wie niet? De toon zegt dan altijd meer dan de woorden. Maar welke speech zou het worden? Het liep al tegen 9 uur en dan komt altijd de eerste landelijke peiling uit.

Vlak voordat het zover was ging ik zelf even naar beneden. Door grote groepen afwachtende mensen heen – ‘succes hè, we gaan winnen hè’ – bewoog ik me richting de ingang. Daar stond mijn zoon te wachten, met een paar grote dozen aan zijn voeten. Ik leidde hem om de geluidsinstallaties, videoschermen en klonters mensen heen naar een stil hoekje en bekeken wat hij had meegenomen. Een grote doos met flessen champagne en twee dozen met glazen. Geweldig. Een tijdje heeft toen de trotse vader de tijd genomen om zijn zoon te laten zien wat vader zoal uitspookte, voordat hij weer de avond inging. Ik belde mijn vrouw om wat te delen en haar vast welterusten te zeggen. Het zou laat worden. Ze dacht niet dat ze kon slapen.

Net op tijd was ik terug voor de peiling. CDA grootste partij. Yes! Een mooie basis om met vertrouwen naar de definitieve uitslag in Zuid-Holland te kijken. Maar reken je niet rijk, zo hielden we elkaar voor. En terecht. De eerste uitslagen na de peiling lieten nog niets zien. Daarbij zeiden we tegen elkaar dat ook het te behalen aantal zetels er toe deed, zowel omdat we het de kandidaten gunde als voor de onderhandelingen.

Op een gegeven moment werd het steeds moeilijke om op de kamer te blijven. We wilden naar de zaal, naar beneden. We konden wel koninklijk op de uitslag gaan wachten, maar hé, dit zijn de landelijke verkiezingen niet. We wilden bij het team zijn. Beneden in de oververhitte ruimte werden we met gejuich ontvangen. De hele CDA-kring sloot zich om ons heen, terwijl boven ons Commissaris van de Koningin Jan Fransen als een koning op het toneel stond, klaar om zodra het duidelijk was de uitslag voor te lezen.

Zover was het nog niet. Meestal komen eerst de uitslagen van de kleinere plaatsen binnen en die zijn doorgaans in het voordeel van het CDA. Dat we een lichte voorsprong hadden zei dan ook niet alles. Het wachten was op de grotere steden. De PvdA had het duidelijk zwaar doordat de SP het goed deed. De VVD had deze provinciale verkiezing nog niets te duchten van Wilders. Zouden zij profiteren van hun oppositierol? Ze deden het in ieder geval niet slecht. Naarmate er meer uitslagen binnenkwamen kantelde het beeld richting de VVD. Wat zou het worden?

Overal hield ik kleine gesprekken. Af en toe belde ik met collega’s op het partijbureau waar de meeste bestuurders en fractieleden bij elkaar gekomen waren of ik belde met collega’s in andere provincies. In de meeste provincies ging het nog heen en weer, in een provincie als Overijssel ging het prima, in het zuiden ging het ronduit niet best. Hier ging het even ook niet best. Uit de verkeerde hoek van de zaal ging gejuich op. De VVD haalde ons in. Het zal toch niet? Stil keken we omhoog naar de schermen. Er is op dit soort avonden altijd teveel rumoer om de commentaren te horen, maar het was duidelijk dat zich een lichte opwinding meester had gemaakt van zowel Ferry Mingele bij de NOS als de commentator van RTV West / Rijnmond. Zou de grootste provincie aan de neus van het CDA voorbijgaan? Ik zag een niet ontevreden glinstering in de ogen van de Commissaris, een prominent VVD’er. Ondertussen kwam de uitslag van Leiden binnen. Een burgemeestersverkiezing en een referendum tegelijk. En een grote overwinning voor D66 in die stad. Het referendum zei ‘nee’ tegen een tramlijn door de stad. Asje keek strak, zijn lippen een dunne lijn. Zo wilde hij niet beginnen. Maar de uitslagen gingen door. Alphen, Zwijndrecht, Strijen, Lisse, Dordrecht, Boskoop, ’s-Gravendeel. En door. De trend voor het CDA: ten opzichte van de landelijke verkiezing verlies, ten opzichte van de vorige provinciale statenverkiezingen: winst. Maar wat wordt het nu?

Het was rond middernacht toen de Commissaris eindelijk het woord vroeg voor wat op dat moment de meest waarschijnlijke uitslag was. De definitieve uitslag zou nog tot de dag erna op zich laten wachten, maar op grond van wat nu binnen is .. en hij begon van beneden naar boven de partijen op te noemen. Als tweede partij komt binnen ..

Ik kneep in de schouder van iemand voor me, ik voelde handen op mijn schouder, om mijn middel …

… de VVD.

WIJ HEBBEN GEWONNEN! GEWONNEN! HET CDA IS DE GROOTSTE!

YES, YES, YES!

En dan val je elkaar in de armen. Dan pomp je elkaars handen, zoen je elkaar, hou je schouders vast. En als de eerste euforie verdwenen is, neem je de hele ploeg mee naar de zijkant van de zaal, waar de kaart van Zuid-Holland staat met alle geeltjes van de plaatsen die we bezocht hebben, haal je de champagne tevoorschijn – er blijkt nog iemand zo vooruitziend te zijn geweest – en proost je, proost je op een fantastische campagne. We zijn als CDA voor het eerst sinds 16 jaar de grootste partij geworden (en we zouden naar later zou blijken het op één na beste resultaat van alle provincies hebben gehaald). Loon naar werken, loon naar ieders werken. De druiven smaakten zoet.


Het mooie was dat ook de andere partijen het ons gunden. Wat ze ook van het landelijke CDA vonden, uit allerlei opmerkingen kon je opmaken dat we het dit keer gewoon verdiend hadden. Nou ja, je hoort de opmerkingen, gelooft ze, maar tegelijk hoor je ze door een waas heen, want je hebt gewonnen, gewonnen! Asje werd weggehaald voor interviews en ik ging alle leden van het team af, iedereen die een verschil heeft gemaakt. Natuurlijk tegen de champagneglazen aangeklingt met Maarten, Anita, Dammis en Manon en tegen de bierglazen van Peter en Rob en ik geloof dat ik ook tegen een waterglas aan heb getoost, maar dat weet ik niet meer. Met wat zoeken vond ik de secretaresse en de chauffeur van Asje. Geweldige mensen. Onze fotograaf, Dirk Hol, viel even uit zijn rol. Nu kon ik ze even laten delen in het succes van hun baas. En zo door. Kandidaten begonnen zich voor het eerst te realiseren dat ze gekozen werden, met de seniors had ik even heel serieuze gesprekken over de Eerste Kamer. Op een gegeven moment kwamen onder leiding van Liesbeth Spies en Jan de Vries de Zuid-Hollandse Kamerleden en bewindspersonen bij ons binnenvallen en werd het feest nog groter. Ik was niet dronken van de champagne – had meer champagne over mijn pak dan door mijn keel – maar van de overwinning. Wat kwam dat diep uit mijn tenen.

2010

Regeren met de PvdA gaat vaak van au op landelijk niveau. In ieder geval zou de combinatie Balkenende-Bos een veel slechtere blijken dan de latere combinatie van Rutte-Samsom. Het moet gezegd worden. Het zou een korte campagne worden. Maar wie moest deze trekken? Hier laat ik het bij de constatering dat het opnieuw Balkenende werd. Direct was al voorzienbaar dat het geen uitslagenavond zou worden om naar uit te zien.

Net als de keer daarvoor was ik te laat voor de eerste uitslag om 9 uur, opnieuw in het Danstheater in Den Haag. Ik hoorde de prognose in de auto. Vreselijk. En zo concreet. Je verwacht het, maar dan nog. Slechts 21 zetels voor het CDA. 20 minder dan in 2007. De verliezen waren overal en over een breed front. Direct werd de analyse officieel: verkeerde lijsttrekker. Het was een analyse waar ik niet aan mee wilde doen. Waar, maar te makkelijk. Ik moest denken aan de wijze waarop de oudgedienden in 1994 in Pulchri de klap opvingen en probeerde eenzelfde mengeling van onverzettelijkheid en optimisme uit te stralen. Dat lukte, ook omdat er bij mij een gevoel van opluchting was: nu konden we de oppositie in. Loskomen van de oude manier van doen, terug naar het hart van de partij. Maar er waren weinigen die dat verlangen naar de oppositie met mij deelden en ze hadden een punt. De uitslag zou een grote overwinning voor de PVV betekenen. Het CDA zou waarschijnlijk weer nodig zijn in de regering. Ik moest er even niets van hebben. We hebben verloren.

Ik ging in de lobby van het danstheater, waar de avond werd gehouden, op zoek naar Peter van Heeswijk, de voorzitter. Als campagneleider had ik hem die functie bezorgd. Na een zeer bijzonder uitverkiezingsmoment op een congres had ik hem als het ware overgedragen aan het partijbureau. In zekere zin zou ik hem die avond weer even terug krijgen. Toen we elkaar eindelijk troffen – een typisch geval van mensen die elkaar zoeken en daardoor juist mislopen – was hij sterk, realistisch. De grote zaal van het danstheater was leeg en daar trokken we ons terug voor een verder gesprek. Twee mannen in een zee van lege stoelen. We wisten dat het voor hem afgelopen was. De enige vraag was: wanneer naar buiten? Peter vertelde mij dat Jan Peter zo zou aankondigen dat hij zich zou terugtrekken. Een aankondiging op hetzelfde moment? Ongelukkig. Ik pleitte ervoor in ieder geval de volgende dag of de komende bestuursvergadering af te wachten. Iemand moest de komende uren voor continuïteit zorgen. Maar Peter was al heel dicht bij zijn beslissing. Ergens in de loop van de daaropvolgende nacht zou hij in zijn hotelkamer een beslissing nemen. Hij voelde zijn verantwoordelijkheid sterk. Hij trad af.

Nadat ik met Peter had gesproken en terug was gekeerd naar de lobby, duurde het niet zo lang meer. Ik moet nog mensen gesproken hebben, maar ik herinner mij er weinig van. Uiteindelijk kwam Jan Peter naar beneden, langs dezelfde trap als in 2006. Samen met Bianca en campagneleider Michael Sijbom, maar zonder de jongeren met borden ‘Bedankt’. Dat zei hij zelf, heel nadrukkelijk, wel: bedankt. En kondigde zijn vertrek aan. Als zaal begonnen we terug te zingen: ‘Jan Peter, bedankt. Jan Peter, bedankt’. Dat was goed, het voelde echt. Maar wat hebben we hem aangedaan door hem deze laatste periode nog onze voorman te laten zijn.

Rond middernacht was ik thuis. Een leeg huis. Mijn vrouw moest ergens in het land een cursus geven en overnachtte bij een vriendin. Eerder op de avond had ik haar al telefonisch gesproken. Nu voelde het huis erg leeg. Ik ging op de bank zitten en deed automatisch de televisie aan. De uitslagen van de grotere steden waren aan de beurt. Plaatsnamen met staatjes. Keurige analyses afgewisseld met beelden van vrolijke of stille zalen. Verkiezingen.

Toen knapte er wel iets. Dat was rouw, rauwe rouw.

Wat teveel overhelt / kantelt en zinkt

En toch ga je door, ook als nog meer verliest van wat je eerst gewonnen hebt, zoals bij de provinciale verkiezingen in 2011.


2012

In zetels gingen we in 2012 verder omlaag. Toch was er ook hergevoel dat de bodem was bereikt en we weer konden bouwen. Een uitslagenavond die om onverwachte redenen gekoesterd kon worden.

De uitslagenavond van 2010 werd gehouden in een voormalig kerkgebouw in Scheveningen. We trokken letterlijk en figuurlijk uit het centrum weg. Alles was kleinschaliger dan voorheen en ongetwijfeld goedkoper. Een indicatie dat de kas van de partij aardig leeg begon te raken en er de jaren daarna nog minder zou zijn.

We hadden campagne gevoerd met een soort moed der wanhoop. Soms kregen we scheldwoorden naar ons hoofd, soms was er meelij. Wat is erger? Je ziet dan wel wie de echte ‘die hards’ zijn. Alleen degenen die het om meer dan geld of carrière te doen is blijven dan over.

Hoewel ik met een zwaar gemoed naar Scheveningen reed, was de uitslagenavond zelf één van de meer aangename uit mijn herinneringen. Geen gedrang, geen gejoel, geen geschreeuw om boven het lawaai uit te komen. Goede gesprekken. In 2010 pleitte ik al voor de oppositierol, maar de uitslag was dusdanig dat we de gifbeker van de PVV helemaal leegdronken. Nu kon het. We konden ook leren van onze fouten bij het begin van de oppositieperiode in de negentiger jaren. Maar wie moest het gaan trekken? Sybrand Buma maakte die avond zelf aan de twijfel een einde door een sterk verhaal te houden. Hij draaide nergens om heen, benoemde wat er te benoemen viel en wist ons te raken met zijn dankwoorden. De afstand tussen lijsttrekker, partijmedewerkers en gewone leden is binnen het CDA nooit erg groot, zoals je op het gemiddelde congres kunt merken. Op uitslagenavonden komen daar echter letterlijk en figuurlijk de media en de meekijkers tussen. Naar ik vermoed is er nooit een uitslagenavond geweest waarin de afstand tussen ons korter was. Het werd bijna een fijne avond. Zelf moest ik weer tijdig weg. De volgende dag moest ik al vroeg voor een opdracht in Haarlem zijn. Op een zolderkamertje in een klein hotelletje met een mini-televisie zag ik nog net hoe Rutte van Samsom won en ging slapen.

Weergang

Opgang en neergang van een partij horen bij de verschijningsfasen van een democratische partij. Geen partij ontkomt er aan. Gevestigde partijen kunnen langer weerstand bieden en dan is het alsnog gedaan. Of niet? In de oppositieperiode van 1994 – 2001 schatte ik de kern van het CDA op maximaal 27 zetels. In 2001 kregen we er 44. Anno 2017 schat ik in dat het kernelectoraat rond de 15 ligt. In 2012 kregen we 13. Het zijn getallen met weinig zeggingskracht. De regels van het spel zijn veranderd. De samenleving barst uit haar voegen. Meer nog dan de economische crisis is het de internetrevolutie die oude bedrijfsmodellen als noten kraakt en wegspuwt. Wat komt er voor in de plaats? Met de komst van nieuwe vormen zullen partijen zich herschikken. Partijen als het CDA maken daarbij wel degelijk een prima kans te overleven. Het driestromenland van de Nederlandse politiek is in de kern nog springlevend, de behoefte naar zingeving onverminderd. Oude merken sterven niet. Maar overleven is geen doel op zich. Het doel is niet de opgang of neergang van een verzameling ambities. Het doel is de weergang van een gedachte over de samenleving. Zeker in het geval van het CDA: gericht op meer dan het hier en nu. Hard werken, er goed mee verdienen, maar het geld niet alleen uitgeven aan jezelf. Zingeving zoekend in het samen bouwen aan de dingen die er toe doen. De wereld een beetje beter achterlaten dan je hem vond. Weten dat er generaties je voor zijn gegaan en weten dat generaties je zullen volgen en daar troost uit halen.

Na de uitslagenavond in 2012 zouden er op lokaalniveau meer uitslagenavonden volgen. Binnen een paar maanden al na deze grootste nederlaag ooit, mocht ik in Bodegraven-Reeuwijk een herindelingsverkiezing meemaken waarin we op het laatste moment met 212 stemmen verschil van de VVD wonnen en de grootste werden. Later zou dat weer gebeuren bij een herindelingsverkiezing in Alphen aan den Rijn. Weer mochten we juichen. Toen kwamen de raadsverkiezingen van 2014. In eerste instantie koos ik ervoor de uitslagenavond in datzelfde Bodengraven-Reeuwijk mee te maken. Weer was ik te laat voor de exit-prognose en hoorde een uitslag die, vertaald naar Kamerzetels, 5 zetels lager was dan ik in een blog had voorspeld. De weddenschap met mijzelf volgend, zou dat karnemelk drinken worden. Na een te rustige bijeenkomst in het gemeentehuis, besloot ik door te rijden naar mijn eigen stad Gouda. Daar hield de sfeer ook niet over. Het resultaat was matig. Door maar naar de gemeente Den Haag – en daar begon duidelijk te worden dat over het geheel genomen de exit-prognose een stuk slechter was dan de algehele trend. Samen met Kamerlid Pieter Heerma liep ik van de locatie waar de Haagse CDA-ers bij elkaar kwamen naar het Binnenhof. Op het Plein gekomen stond een kleine groep protesteerders en politie bij een café waar op dat moment de PVV bij elkaar kwam op hun uitslagenavond. We hadden iets over ‘minder, minder gehoord’, maar er langs lopend zou je niet het idee hebben gekregen dat daar die avond geschiedenis was gemaakt (ik denk dat Wilders zich die avond definitief buiten de orde heeft geplaatst). Iets later ging ik naar huis. Om 2 uur die nacht hoorde ik dat de uitslag conform mijn voorspelling was. Het glas wijn moest wachten.

En zo gaat het dus door: nooit hetzelfde, wel altijd op en neer. Omhoog met de Europese verkiezingen, omlaag bij matige provinciale statenverkiezingen en weer omhoog bij goede lokale verkiezingen. Nu, na 4 jaar, zijn de verkiezingen voor de Tweede Kamer aan de beurt. In mijn blog heb ik de prognose gegeven zoals ik die half februari heb geformuleerd: 23 zetels, met een stevige kans op een grotere doorbraak. Ik hoop het, maar voor mijn beleving van de uitslagenavond zal het weinig uitmaken: die uitslag markeert volgens mij wel het einde van een bijzondere parlementaire periode, maar luidt waarschijnlijk eerder een patstelling in dan een nieuw begin. De uitslagenavond van 2017 wordt bijzonder, zoveel valt veilig te voorspellen. Jan en alleman wil weer op de avond aanwezig zijn, inclusief veel media. De door het CDA gehuurde ruimte is weer een stuk groter dan in 2012 en meer ruimte wordt geregeld. Heerlijk, ik verheug mij op een mooie avond – en zal vast een moment aan de mensen bij de PvdA denken. Tegelijk wordt het ook een mooie avond als we niet de grootste worden. We hebben nog veel te doen om als partij om goed te gaan met wat er nu in de samenleving gebeurt. En het doel is geen overwinning, maar een beter samenleving. Wat we hopelijk vieren is een kans om daar vorm aan te gaan geven.

Peter Noordhoek


Onze wereld is groot, complex en hoog als een berg. Weersomstandigheden wijzigen zich voortdurend. Hoe kom je dan aan de top?
Kaarten en instrumenten kunnen helpen. U vindt er hier vele. Het echte geheim schuilt in de mentaliteit waarmee u de berg te lijf gaat. Dan geldt wat iemand ooit vertelde: ‘De noordkant van een berg is het moeilijkste om te beklimmen, maar het meeste de moeite waard.’ Bij Northedge gaan we voor kwaliteit boven kwantiteit. Het vergt meer denkwerk, meer inspanning, meer van meer. Maar het is zo de moeite waard.  

Peter Noordhoek