Maandelijks archief: augustus 2013

From Brexit to Brentry

Na te lange tijd hebben we weer eens een vakantie in Engeland doorgebracht. En zoals dat dan gaat: je proeft de sfeer, leest de kranten en legt je oor te luisteren. Dit keer viel ik met mijn neus in de boter: de eerste Reviews over de positie van Groot-Brittannië in de Europese Unie werden gepubliceerd – en oh ja, er werd een Koninklijke baby geboren. Hieronder een langere blog met wat knipogende observaties in het licht van wat Cameron c.s. aan het bedenken is om wel of niet in het Europese verband te blijven. Ik leef met de lezer mee.

Overval

Op een dag in 1987 gaat een Brit genaamd John Fallows naar zijn bank. Geduldig staat hij in de rij, tot het eindelijk zijn beurt is en hij naar voren kan stappen. Echter, opeens komt er iemand tussen hem en de baliemedewerker staan die bankrover wil worden. Zijn naam: Douglas Bath. Hij zwaait met een pistool en vraagt om geld. Heftig verontwaardigd tikt Fallows hem op de schouder, draait hem om en vertelt hem op niet mis te verstane wijze achter in de rij te gaan staan. Bath moet gewoon zijn beurt af wachten. De mensen die achter Fallows in de rij staan knikken instemmend. Niet voorbereid op zo’n terechtwijzing, verliest Bath de moed, verlaat de bank en wordt even later gearresteerd.

Dit, beste lezers, is wat ik vermoed dat Nigil Farage en zijn partij, UKIP, zal overkomen als hij denkt een ‘Brixit’, een ‘Britse exit’ uit de EU, af te kunnen dwingen. De bank beroven is één ding, voordringen iets anders. Er staan er meer dan genoeg in de rij om te zeggen dat ‘We British’ geen deel van het verfoeide continent willen zijn – en ‘bugger the consequences’.

Schuimkraag

Als het om bier gaat geven de meeste Britten de voorkeur aan ‘ale’ boven ‘lager’. Een liefhebber van ‘ale’ legt het me zo uit: ‘lager’, continentaal bier, dient gekoeld te worden geserveerd. Zonder koeling is het helemaal niets. ‘Ale’ is echt. Je kan

It's going to get worse 2het op kamertemperatuur prima drinken. Bovendien heb je dan geen rare schuimkraag waar je door heen moet drinken. Logisch toch? Waarop hij mij een Pub Guide meegeeft voor heel Engeland, met per pub een overzicht van beschikbare ale’s. Ik heb het bestudeerd: inderdaad, geen schuimkraag.Maar in diezelfde pub’s en elders ben ik er achter gekomen dat de Britten hun schuimkraag krijgen als de Europese Unie ter sprake komt. Het komt ze op de mond te staan bij alles wat er maar mee te maken heeft. Mijn overtuiging: dat gaat niet goed en – it’s going to get worse. Direct na de crisis werd Europa een bedreiging, nu het wat beter gaat is een object van minachting. De verwachting van een referendum na de volgende Britse verkiezingen werkt dan als een worst op alles wat zich een Britse buldog voelt. Een scenario richting een ‘Brixit’ – het verlaten van de Europese Unie door de Britten – is logisch.

De vraag is wel wat logisch is als het om Britten gaat. Mijn ervaring is dat je er wat schuin naar moet kijken; serieus en niet-serieus. Laat ik die vraag naar de ware logica zeer serieus beginnen door het perspectief van Cameron te nemen.

De positie van de leider van de Britse conservatieven is en blijft opmerkelijk dubbel. Enerzijds spreken regeringsdocumenten vol overtuiging over het belang van de Europese Unie, anderzijds krijgt die unie geen andere ruimte dan bezien door een overheersend nationaal perspectief. Enerzijds vraagt het om een duidelijk koers van de Unie, anderzijds tilt men zelf een beslissing over de verkiezingen heen. Of misschien moet ik dit beeld lenen: Cameron hanteert het korset-perspectief: het staat best mooi, maar kan altijd nog strakker. En ondertussen lijkt het motto te zijn: wachten op betere tijden.

Dat wachten lijkt nog te werken ook. Wie, zoals ik, deze zomer door Engeland heeft gereden, voelt dat er economisch goed weer op komst is. Het gaat uitgesproken goed met de huizenmarkt en ook andere indicatoren staan er beter voor. Londen en het Zuidoosten doen het goed, de Midlands en The North lopen nog wel achter; de tweedeling in de UK is ook geografisch heel wat zichtbaarder dan bij ons. Hoe dan ook: een positieve stemming werkt door naar de politiek. Door alles heen lijkt Cameron een soort persoonlijke gunfactor te hebben behouden, in tegenstelling tot zijn Nederlandse ambtgenoot[i]. Labour en de liberale coalitiegenoot hebben elk hun eigen problemen. Intern lijken de conservatieven met de komst van nieuwe Australische en Amerikaanse strategen de zaken weer wat orde op orde te hebben.

Tentje in de Tube

tent in tube

Dus wat willen ze met dat Europese ‘dossier’? Vooropgesteld dat bijna alle Conservatieven Eurosceptici zijn, hebben we op Downing Street vooral met wat creatieve realisten te maken. Het eerste wat ze doen is: de tegenstand serieus nemen (check). Het tweede: tijd kopen (check). Het derde loopt nu (onderhandelings)ruimte maken. Die punten worden nu op een interessante manier gecombineerd. Het doet me een beetje denken aan wat ons onlangs overkwam. We hadden onze auto aan de rand van de stad gezet en gingen met de metro de stad in. Naast ons zaten twee vrolijke meiden. Een van de twee had iets groot en groens in haar handen. Opeens begon ze dat uit te vouwen en het bleek een tent te zijn. Ze konden hun voorpret niet bedwingen en gingen even in de tube kamperen. Zo heb ik de eerste ‘Reviews’ van de Britse positie in Europa ook wat ervaren. Even een tentje bouwen in de doordenderende ondergrondse. Best opmerkelijk, ook qua timing. Een beetje ondeugend, maar het maakt wel vrolijk.

Hoe verstop je goed nieuws?

EU UK

Meestal wordt een zomerreces gebruikt om slecht nieuws kwijt te raken. Nu is het omgekeerde gebeurd. Terwijl de MP’s al weg zijn en een Royal Baby op het punt geboren staat te worden – kortom, als alle omstandigheden er naar zijn om elk ander nieuws in een zwart gat te laten verdwijnen – wordt er heel goed nieuws gepresenteerd. Op basis van de eerste delen van een uitgebreid review over de Britse positie in Europa[i], wordt o.a. dit geconcludeerd: ‘The British economy is better off within the Union’[ii].

Dus hoe moet je met dat nieuws omgaan? Met een schuin oog bekijken, zo zou ik zeggen. Net zoals deze foto[iii] waarin de Tory’s vol trots in hun toetreding tot de Unie aankondigden. Het is een geënsceneerde foto. Ze vertrouwden niet zo op de spontaniteit van het volk. Waar het vooral om gaat, is de manier waarop dingen worden opgeschreven.

In Nederland is een vergelijkbaar onderzoek gedaan door minister Timmermans van Buitenlandse Zaken. Daarin krijg je vrij precies wat wordt aangekondigd: een onderzoek naar de effectiviteit van regels op Europees niveau, bekeken door een bril met vrij sterke subsidiariteitsglazen. Zijn imitatie van een CDA-beleid is vrij geslaagd. Zijn Britse collega William Hague daarentegen, bewandelt namens zijn premier een pad dat zo glibberig is als een voetpad in de Yorkshire Dales aan het einde van een regendag.

Een brede analyse, een smal perspectief

Een paar zaken die als wisselende bewolking langskomen terwijl ik de Reviews lees:

  • de analyse gaat verder dan Europa als zodanig. Globalisering en de gevolgen ervan vormt zeker ook de context: ‘a changing Europe in a changing world’. Dat is goed, die context zouden wij er ook meer bij moeten betrekken;
  • de economische agenda is veruit dominant, maar er is wel degelijk aandacht voor zaken als veiligheid, criminaliteit, energie en milieu. Net als andere landen lukt het ze niet een echte rangorde in belang aan te brengen. Ondertussen verhult de kritiek op de euro dat de Britse regering voor een redelijk klassiek begrotingsbeleid heeft gekozen;
  • de Britten maken geen analyse van hun eigen sterke of zwakke punten. Daardoor zien ze ook niet – of willen ze niet zien – hoeveel ze te bieden hebben aan Europa. Als iemand die weet hoe origineel Britten kunnen denken over dienstverlening en productontwikkeling, vind ik dat een gemis;
  • op geen moment worden serieuze pogingen gedaan zich te verplaatsen in de positie van andere landen, wat je zou mogen verwachten in een echte review. Het enige antwoord: flexibiliteit. Het blijft een ‘One-Nation show’.

En niet in het minst: regelmatig zie je een bijna gênante eerlijkheid over het unilateraal nastreven van het eigen belang naast het benadrukken van de samenwerking. Alle landen doen dat, maar het ongegeneerde is natuurlijk precies wat zo irriteert in de houding van de Britten. Dat blijkt bijvoorbeeld scherp in de paragraaf die gaat over de vraag hoe de globalisering tegemoet moet worden getreden. Bij het formuleren van de Britse doelen, komt er dan opeens een forse opsomming van alle landen waar het land handelsverdragen en bijzondere posities mee zoekt (bijvoorbeeld Turkije). Het is als een reality-tv uitzending over Britten in Ibiza. Je ziet een Brit voor je die tegen een in zijn ogen lelijk meisje zegt dat hij wel met haar wil vrijen, maar ondertussen naar andere meiden lonkt.

Variable geometry

Al met al geven de Reviews mij een ‘White Cliffs of Dover’ gevoel. Op de plek waar ik deze foto nam – een van de ‘Seven Sisters’ – was kort daarvoor een stuk in zee gestort; het land trekt zich letterlijk terug. Toch wordt het wel degelijk interessant als deze passage langs komt:White cliffs

The Eurozone crisis is changing the shape of the EU. It is pushing it towards greater ‘variable geometry’ – with a number of different configurations of member states cooperating in different policy areas. This should make for a more effective EU, a body with the flexibility of a network, not the rigidity of a single bloc. Variable geometry should not undermine the foundations of membership of the EU, in particular the single market, and no member state should be excluded from participating in areas it wants to join. At all times the UK will ensure its influence is brought to bear as an active and activist member of a changing EU.

Cameron heeft in zijn grote Europa speech interessante dingen gezegd over de nieuwe vorm van de Unie en hier krijgt het al iets meer gestalte. De netwerkgedachte komt weer langs, nu aangevuld met de term ‘variable geometry’, wat dat ook mag betekenen. Veel blijft ongewis. Mijn beeld: dat is omdat ze het zelf nog niet weten. De economische en politieke analyse is gemaakt, de juridische loopt, maar men weet beter wat men niet wil dan wat men wel wil. De concrete institutionele uitwerking moet echter nog handen en voeten krijgen en hoe de Britten daar de andere landen en – vooral – het eigen publiek in mee gaan krijgen, blijft al helemaal onduidelijk. Daarom hebben ze tijd nodig.

Nederland als bondgenoot?

Laten we eerlijk zijn: die tijd hebben we hier in Nederland ook nodig. We staan voor een vergelijkbare opgave. Duidelijk is dat de Britten in Nederland een bondgenoot zien[i] in hun plannen. Maar als ik het zo lees, vraag ik me af hoelang we getolereerd worden. Ik voel geen ‘quid pro quo’ groeien uit deze plannen. Wordt het geen tijd om zelf met wat tegenvoorstellen te komen? In mijn eigen partij heeft Sybrand Buma een zevental principes verwoord. Het 6e daarvan gaat over een ‘zelfbewust Nederland in een krachtig Europa’. In de toelichting komt hij met de uitspraak dat we naar ‘een nieuw Europa’ moeten gaan. Mijn vingers jeuken. En dan is er niets mis mee om ons door de Britten te laten inspireren, maar we zullen er ons eigen verhaal van moeten maken.

De kruipruimte tussen principes en praktijk

Lekker laten jeuken, zeg ik hier, want ik maak het allemaal wel erg serieus voor een simpele vakantieblog – en zou ik zomaar iets over het hoofd kunnen zien: alles wat minder serieus is. Terug dus naar de Britten. Het punt is: als je hun review al te serieus neemt, zie je niet meer hoeveel speelruimte ze zichzelf geven om hun mening bij te stellen. De zaken zijn nooit helemaal zwart-wit. In 1994 stemde de Britten voor Europese regelgeving die pauzes verplicht stelde bij het transport van dieren, maar tegen het verplicht stellen van pauzes voor fabrieksarbeiders. Dat is toch pure humor.  It's not funny 2
In een tweedehands boekhandel in Keswick, Cumbria, vond ik een biografie[i] van Harold MacMillan, een van Cameron’s voorgangers. In mei 1948 was de eerste grote conferentie over een Europese Unie. Dat was in Den Haag. MacMillan ging er vol voor om die conferentie te laten slagen, net als Churchill overigens. Later werd het ingewikkelder en moest MacMillan veel moeite doen om de Europeanen en vooral zijn eigen Britse achterban, op één lijn te houden. Tijdens een onderhandeling zei hij het zo:

‘The continental tradition likes to reason from the a priori from the top downwards, from the general principle to the practical application. .. The Anglo-Saxons like to argue a posteriori from the bottom upwards, from practical experience.’

Om zo te vervolgen:

‘Of course, the Scottish people, who are the intellectuals of Britain, know there is nothing to be frightened of: one should accept everything en principe, get around the table, and start the talks.’

Waarna iedereen zich afvroeg wat hij nu eigenlijk bedoelde, maar voldoende onder de indruk was om hem zijn zin te geven. Ergens tussen principe en praktijk was nog kruipruimte. De Nederlander die dit opschrijft is meer van het principiële soort, maar ik kan met enige bewondering kijken naar deze manier van ruimte maken.

Naar een Brentry

Eigenlijk schuilt in dit zoeken naar kruipruimte tussen principe en praktijk ook het geheim voor een ‘succesvolle‘ heronderhandeling van de Britten over hun lidmaatschap. Een heronderhandeling die niet noodzakelijk tot een Brixit hoeft te leiden, al moeten we de kans daarop dus niet onderschatten. Ik denk dat de Britse regering, inclusief de Liberalen, tot de conclusie is gekomen dat simpel doorgaan geen optie is. Naast Brixit blijft er dan nog maar één optie open: Brentry. Mijn woord voor een Britse ‘re-entry’, rentree, tot de Europese Unie. Voor een succesvolle Brentry moeten de Britten voldoende scoren om het dominante ‘frame’ van ‘wij zijn slachtoffer van deze Europese Unie’ te doorbreken. Daarvoor wordt onderhandelingstechnisch en communicatietechnisch alles uit de kast getrokken. Het zal boeiend worden om te zien hoe David Cameron dat verder vorm zal geven. Anders kan hij het vergeten om ‘bugger off’ richting het einde van de rij te zeggen als het om UKIP’s Farage gaat.

Even aanraken

Tot slot. De Engelsen zijn gewoon veel beter in komkommerberichten dan wij[i]. Rijdend door het Lake District, kwam dit bericht op de radio: de beheerders van de House of Commons hebben besloten om een aantal standbeelden van oud prime ministers door middel van wat koorden minder toegankelijk te maken. Deze beelden bevinden zich in het besloten – ‘Members’ – deel van het wondermooi door Wren gemaakte gebouw. Het zijn dus niet de toeristen die voor de slijtage zorgen, maar de leden zelf. De reden zou zijn dat teveel MP’s met hun handen of voeten de standbeelden aanraken voordat ze moeten spreken of stemmen. Ze hebben even steun nodig van hun grote voorgangers, zullen we maar zeggen. En waarmee ik ook maar wil zeggen dat we het over mensen hebben, met al hun eigenaardigheden (Onze socialisten heb ik een rode sjaal om het borstbeeld van Den Uyl zien doen). De vraag over een Brixit of Brentry is maar voor een deel een rationeel verhaal. Wie weet laten de Britten zich door een goede mix van argumenten overtuigen. Ik heb de Britten leren kennen en waarderen als een door en door pragmatisch volk. Iets in de hele opzet van de Unie zet ze in een zeer principiële houding. Heel on-Brits eigenlijk. Dat moet anders kunnen.

 

Peter Noordhoek


[i] Volgens bericht op BBC Radio1, 28 juli 2013. Inspiratie komt ook van: Bill Bryson, Notes from a Small Island. Black Swan, 1994.

[i] Charles Williams – Harold MacMillan. Phoenix, London, 2009.

[i] Analyse Daily Telegraph

[i] Review of the balance of competences: http://midtermreview.cabinetoffice.gov.uk/fixing-the-economy/europe/index.html, gekoppeld aan de Midterm review: http://midtermreview.cabinetoffice.gov.uk/fixing-the-economy/europe/index.html

[ii] Kop diverse mediaberichten, 22 juli 2013. Van de 6 onderzoeken laten er 5 zien, dat Groot-Brittannië behoorlijk voordeel heeft bij het lidmaatschap. Slechts in één geval gaat dat niet op. Voorbehoud moet worden gemaakt voor de mate van kwantificeerbaarheid.

[iii] Alan Clark – The Tories. Weidenfelt and Nicolson, 1998. De eerste en laatste afbeelding komt van oude briefkaarten uit mijn voorraad. De andere komen uit eigen camera.

[i] Het aantal leden van de Conservatieve Partij daalt in hoog tempo. Er zijn nu minder dan 100.000 mensen ‘vol’ lid. Dat is niet best voor de meeste MP’s. De districten van David Cameron en William Hague lijken de enige te zijn die zich aan deze trend onttrekken. www.conservativehome.com, 12-08-2013.

Egypte, augustus 2013

Op woensdag 14 augustus maakt het Egyptische leger met veel geweld een eind aan twee demonstratieve bijeenkomsten van de Moslim Broederschap. Geweld baart geweld. In de daarop volgende onlusten worden ook Christelijke en Koptische kerken en gebouwen bestormd. En als zo vaak als het over het Midden-Oosten gaat, komt dan de vraag op wat het eigen antwoord moet zijn. Toen ik dat langs de rationele kant niet direct verwoord kreeg, heb ik er een gedicht van gemaakt, later gevolgd door alsnog een rationele overweging. Bij Egypte start dan voor mij alles in een kerkbank.

Ik voel de bank nog onder mijn smalle billen
in het Godshuis van mijn jeugd
Als de bank te hard, de dienst te lang was
ging ik vluchten in mijn oma’s Bijbel:
voorop met kleine, gouden letters ‘Bijbel’
een zwart omhangend kaft
over dunne, rijstpapieren bladeren
en van die nagelkleine inkepingen
voor het vinden van elk Boek

Mooi, de i-Phone van toen
Met slechts één contactpersoon:
God
En dan ging Zijn oude mail vooral over
Jacob en Isaac
Egypte en de zeven plagen
Vertrek naar het Beloofde Land
Ik gruwde en genoot ervan

God, zo zou ik U nu willen vragen:
waarom wilde iemand daar ooit blijven
in dat Egypte van haat en spijt?
En wat is daar gebeurd
dat U nog steeds naar plagen grijpt?

PN ‘13

-o-

Deze augustusdagen worden beheerst door het nieuws uit Egypte. Weer nieuws uit Egypte, grimmiger dan ooit. Zoveel doden, zoveel schijnbaar uitzichtloze strijd. Bij mij bleef een bericht hangen over een scene in de Fateh Moskee waarbij iemand een half verbrande Koran omhoog hield. Meer nog dan alle foto’s van de doden, weet je dan hoe fel de strijd nog gaat worden. Daar kwam het nieuws overheen dat op progrom-achtige wijze Christelijke en Koptische kerken en gebouwen het doelwit van volkswoede worden. Het is dus niet alleen een strijd van leger versus Moslim Broederschap, maar ook een strijd tussen religies geworden. Kan het fundamenteler, kan het basaler?

In een tweetwisseling tussen o.a. Arend Jan Boekestein en Pieter Omtzigt, werd gevraagd wat we voor de Christelijke gemeenschappen daar kunnen doen. Nu zou je heel Egypte willen helpen, maar de vraag kwam wel binnen. Een gevoel van machteloosheid overheerst dan. Uit dat gevoel kwam het gedicht voort. Wat kan je nog doen, behalve in je eigen land je hersens er bij houden? In ieder geval doordenken. Het gedicht komt voort uit de beelden zoals die via het nieuws tot je komen. In zekere zin ontnemen die ook het zicht op het grotere geheel. Het is toch nodig daar bij stil te staan, wil er een werkelijk antwoord komen op de vraag wat gedaan kan worden, zeker nadat we eerder zo hoopvol gestemd waren.

Het is nauwelijks twee jaar geleden dat ik met collega’s sprak over trainingen democratisering in het kader van de komende verkiezingen in Egypte. Die trainingen gingen niet door. De vertegenwoordigers van mijn opdrachtgever, werden onder invloed van de  broederschap opgepakt, samen met die van andere NGO’s. Voorlopig zie ik ook na de machtswisseling dat soort ondersteuning niet meer gebeuren. Als er nog geld voor dat soort doelen naar Egypte gaat, dan moet er heel kritisch worden gekeken.

Het is ook maar nauwelijks een jaar geleden dat ik in Istanbul was en daar bij de Turken de hoop proefde dat Cairo samen met Istanbul een soort Arabische as zou kunnen vormen. Een voorbeeld van welvaart en een mooi alternatief voor dat veeleisende Europa. Bladen als de Economist waren kritisch, maar stonden ook vol van de kansen voor een stad en een land vol potentieel. Ook dat boek is vooralsnog dicht.
Maar wat als het leger er in zou slagen de Moslim Broederschap daadwerkelijk stil te krijgen? Dat hebben ze eerder gedaan. Dan nog broeit er te veel. Ik ben het eens met degenen die zeggen dat Morsi zich geen moment een democratische verkiezing waardig toonde, maar het is het leger dat de genadeklap aan de democratie uitdeelde. En juist de opgeduikelde lijst van te vernietigen Christelijke en Koptische kerken maakt duidelijk hoezeer het niet alleen  een politiek, maar ook een religieus gevecht aan het worden is. Ik zeg het met pijn in het hart, maar dat zijn vaak de ernstigste gevechten.

En dat alles in het besef dat Turkije zich deelt, Syrië brandt en Irak ontploft. Om het over Libanon, Libië en Tunesië maar niet te hebben. Elk van die landen zou het journaal kunnen halen met beelden van brandende pleinen.

Als zo dadelijk de ergste strijd in Egypte is geluwd, moeten we toch constateren dat zich een soort contra-revolutionaire corridor aan het vormen is langs de gehele zuid- en oostzijde van de Middellandse Zee. Democratische krachten redden het niet, autoritaire en theocratische krachten vechten het uit. Pogingen om dat te keren, zowel langs diplomatieke weg (Syrië) als militaire weg (Libië), lijken per saldo de zaken niet beter te maken en dan zeg ik het netjes. De internationale diplomatie lijkt nauwelijks nog een serieuze factor. Hoe komen we terug?
Dan resten er ruwweg twee scenario’s. De eerste is een realpolitieke variant: actief sterke mannen steunen die voor een stabiel regime kunnen zorgen. Een Erdogan verdient dan steun. Ook Assad. Ook het Egyptische leger. Een scenario als dit wordt doorgaans verdedigd met het argument dat tijd winnen het belangrijkste is, maar te vaak leidt dit scenario weer tot nieuwe destabilisaties. Niet gewenst dus. Het tweede scenario is om met geld en andere middelen actief ‘democratische partijen’ te gaan steunen. Waar begin je? Bij wie begin je? Het klinkt als een naïef scenario, al mag je niet uitsluiten dat uit de korte Arabische lente een nieuwe generatie meer democratische leiders geboren gaat worden. Meer dan een ‘vinger bij de pols houden’ scenario is dat nu niet.
Er is dus sprake van een gevaarlijk soort strategisch vacuüm in een hoogst instabiel gebied. En bij dit alles moet bedacht worden dat de Verenigde Staten geen schim meer is van de grootmacht die ze vroeger in de regio was. Wat nu speelt in Midden-Oosten zou wel eens een ‘defining moment’ kunnen worden in wat al langer verwacht wordt: de VS die de bal daadwerkelijk aan Europa laat.

Dus: wat doen ‘we’ met die bal? Ik voorspel dat de landen in Europa het conflict in de praktijk vooral als een migratieprobleem gaan behandelen. Die dimensie zit er zeker aan. Tot nu toe lijkt de vluchtelingenstroom mee te vallen, maar hoe lang blijft dat zo? Al te veel vertrouwen in de EU-landen rond de Middellandse Zee om migratiestromen zelf op te lossen kunnen we niet hebben, daarvoor is het belang te groot om de problemen op elkaar af te wentelen. Al met al vrees ik voor een smal, verdedigend en visieloos antwoord. Waar ik op wacht is een aanpak die Europees is en waar een herkenbare veiligheidsstrategie achter zit. Er gebeurt het nodige en op diverse niveaus (Frontex op het niveau van kustbeveiliging, de diplomatieke inspanningen van Ashdown), maar niet merkbaar genoeg. Noch daar, noch hier. Ik denk dat we met een Europese defensie-inspanning te maken gaan krijgen die verder gaat dan een eenmalige actie als in Libië en tegelijk dichter bij het Europese huis komt. In een tijd waarin allerlei digitale hulpmiddelen beschikbaar komen, zullen we die ‘vinger aan de pols’ beter vorm moeten geven. Daarnaast zullen we ook de materiële middelen moeten hebben – vliegend, varend – om iedereen de boodschap te geven dat Europa waakzaam op haar drempel staat.

Het komt dus neer op het doordefiniëren van de Europese betrokkenheid in de regio van vooral een migratie- naar een veiligheidskwestie. Al langer heb ik het beeld dat het veiligheidsthema weer op de Europese agenda gaat komen. Niet omdat dit fijn is, verre van, maar omdat dit noodzakelijk is en in het belang is van alle Europese landen, Noordelijk en Zuidelijk. Egypte is, zeker in augustus 2013, heel dichtbij.

 

Peter Noordhoek

Deze blog is vanwege de actualiteit op het laatste moment in plaats gekomen van een blog over Groot-Brittannië, deze laatste mede geschreven naar aanleiding van een aangename vakantie daar. Dat komt dus komende week. Hoe dan ook, ik denk de komende periode letterlijk en figuurlijk weer veel in blogvorm te melden te hebben. Zeg niet ik dat u niet gewaarschuwd heb.


Onze wereld is groot, complex en hoog als een berg. Weersomstandigheden wijzigen zich voortdurend. Hoe kom je dan aan de top?
Kaarten en instrumenten kunnen helpen. U vindt er hier vele. Het echte geheim schuilt in de mentaliteit waarmee u de berg te lijf gaat. Dan geldt wat iemand ooit vertelde: ‘De noordkant van een berg is het moeilijkste om te beklimmen, maar het meeste de moeite waard.’ Bij Northedge gaan we voor kwaliteit boven kwantiteit. Het vergt meer denkwerk, meer inspanning, meer van meer. Maar het is zo de moeite waard.  

Peter Noordhoek